Vlissingen ontvangt van alle gemeenten het meeste geld van de Rijksoverheid om haar taken te kunnen uitvoeren, Bloemendaal het minst. Dat blijkt uit de nieuwe Atlas rijksuitkeringen van een onderzoeksinstituut van de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) die maandag is gepubliceerd.

Gemiddeld ontvangen gemeenten per inwoner 2.162 euro van de Rijksoverheid, becijferde het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden van de RUG. "Maar de ene gemeente krijgt veel meer dan de andere."

Vlissingen voert met bijna 4.000 euro de lijst aan. De bedragen die worden overgemaakt naar Bloemendaal, Midden-Delfland en Blaricum zijn met respectievelijk 1.014 euro, 1.104 euro en 1.112 euro stukken lager.

Volgens de onderzoekers spelen bij gemeenten die hoge bedragen krijgen een zwakke sociale structuur en centrumfunctie een rol. "Ook zijn de huizen er weinig waard, zodat de onroerendzaakbelasting minder opbrengt. Dat verklaart waarom deze gemeenten een relatief hoge rijksuitkering ontvangen."

Welvarende gemeenten hebben relatief weinig kosten en kunnen zelf meer geld binnenhalen door middel van de lokale belastingen.