Nadat kleine én grote ondernemers hun spullen dagenlang in de Black Friday-uitverkoop hebben gezet, is het vandaag Niet-Winkeldag. Op die dag wordt er in meerdere landen opgeroepen om helemaal niets te kopen, uit protest tegen de westerse consumptiecultuur. Toch blijkt uit cijfers juist dat we steeds meer gaan kopen. Tussen 1995 en 2019 zijn de consumentenuitgaven namelijk, na correctie voor inflatie, met ruim 44 procent gestegen.

Dat blijkt uit cijfers die NU.nl heeft opgevraagd bij het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Vooral aan zaken als kleding en spullen voor in huis zijn we veel meer gaan uitgeven. In die categorie stegen de uitgaven in bijna 25 jaar met ruim 60 procent.

Ook geven we meer geld uit aan diensten als horeca en huisvesting. In die categorie stegen de bestedingen met ruim 57 procent, blijkt uit de cijfers.

Consumptie met 44 procent gestegen sinds 1995

Consumentenpsycholoog Patrick Wessels denkt dat we zoveel meer uitgeven aan kleding en spullen voor in huis omdat onze manier van winkelen in de afgelopen kwart eeuw flink is veranderd. "Twintig jaar geleden ging je naar de winkels omdat je iets nodig had. Je ging dus heel gericht winkelen: je kocht alleen dat ene ding en ging vervolgens weer naar huis."

Inmiddels is dat heel anders, ziet hij. "Door de coronacrisis is alles even anders, maar los daarvan zie je dat winkelen nu een uitje is. Je spreekt af met een groep vrienden om naar de stad te gaan en wil er dan een leuke dag van maken. In die modus koop je heel andere dingen dan wanneer je naar de winkel gaat omdat je kaarsen op zijn."

Vooral veel kleine uitgaven

Tijdens zo'n dagje uit koop je veel dingen die je niet per se nodig hebt, denkt Wessels. "Zoals dingen voor in huis en kleding. Over het algemeen gaat het over de wat kleinere uitgaven van tussen de 5 en 10 euro, of wat meer, als je meer te besteden hebt. Het zijn in ieder geval spullen waar je niet lang over na hoeft te denken."

En hoe komt het dan dat we door Black Friday massaal op koopjesjacht gaan? Volgens Wessels is het voor je brein heel moeilijk om aanbiedingen te weerstaan. "Als een product normaal gesproken 75 euro kost en is afgeprijsd naar 45 euro, dan denkt je brein dat je 30 euro verdient." Daarnaast word je bang om de aanbieding mis te lopen. Als het product later toch weer 75 euro kost, voelt dat alsof je die 30 euro weer moet inleveren.

'Ga niet winkelen'

Er ontstaat dus een gevoel van urgentie, waardoor je sneller geneigd bent het product te kopen. Volgens Wessels is er maar één goede manier om die koopdrang te voorkomen: "Ga niet winkelen."

Moet je wel de deur uit, of ga je op internet winkelen, dan adviseert Wessels om van tevoren een lijstje te maken. Daardoor wordt het makkelijker om alleen geld uit te geven aan dingen die je daadwerkelijk nodig hebt. "Maar als je makkelijk veel geld uitgeeft, zorg er dan voor dat je geen aanbiedingen tegenkomt."