De rijke landen hebben in 2018 bijna 79 miljard dollar uitgegeven aan de financiering van een beter klimaat in arme landen. Dat zijn vooralsnog de actueelste cijfers. In 2009 zegden de rijke landen toe dit jaar 100 miljard dollar over te maken, het is onduidelijk of dat doel gehaald wordt.

Uit de jaarlijkse update van de OESO blijkt vrijdag dat het bedrag dat in 2018 is overgemaakt wel 11 procent hoger ligt dan de 71,2 miljard uit het jaar daarvoor.

"Ondanks de toename in 2018 zit het bedrag nog steeds 20 miljard onder de afgesproken 100 miljard dollar", constateert de OESO. "Voorlopige gegevens van de Europese Unie en de lidstaten over 2019 wijzen erop dat het bedrag verder zou kunnen zijn opgelopen."

De landen van de EU dragen gezamenlijk het meest bij aan de klimaatfinanciering.

Het gaat bij de klimaathulp om giften, leningen en private investeringen. Het geld wordt gebruikt om de uitstoot van CO2 terug te brengen en de negatieve gevolgen van de klimaatverandering aan te pakken.

De afspraken uit 2009 werden gemaakt omdat juist de armere landen het meest geraakt worden door klimaatverandering, in de vorm van de stijgende zeespiegel, stormen en droogtes.