De meeste economische gevolgen van de COVID-19-pandemie moeten nog komen. Het gaat dan onder meer om faillissementen en leningen die niet worden terugbetaald, waardoor banken de komende tijd flink op de proef worden gesteld. Dat denkt president Klaas Knot van De Nederlandsche Bank (DNB).

Nu een tweede coronagolf zich over het land verspreidt, nemen ook de zorgen toe over de weerbaarheid van de financiële sector. Weliswaar zijn volgens Knot de banken tot dusver prima in staat geweest om de klappen van de pandemie op te vangen, maar door de tweede besmettingsgolf is sprake van extra onzekerheid.

DNB wijst erop dat de economische impact van corona grotendeels nog zichtbaar moet worden. Zo kunnen banken geraakt worden door het oplopende aantal faillissementen en door leningen die mede daardoor niet aan de banken kunnen worden terugbetaald. Vooral als het kabinet de tijdelijke steunmaatregelen afbouwt, kan dit voor risico's zorgen.

"Banken houden er al rekening mee dat leningen aan bedrijven in zwaar getroffen sectoren in de toekomst niet kunnen worden afbetaald en hebben hun voorzieningen voor slechte leningen navenant verhoogd", aldus Knot.

Vrees voor een perfect storm

Knot heeft er vertrouwen in dat de banken ook een tweede golf aankunnen. Wel bleek bij een zogeheten stresstest eerder dit jaar dat bij een 'perfect storm', waarbij kort gezegd alles tegenzit, banken waarschijnlijk voorzichtiger moeten zijn met het aangaan van nieuwe leningen.

Het blijft volgens hem dan ook van groot belang om te voorkomen dat de economische crisis overslaat naar de financiële sector. Als banken daardoor zuiniger moeten zijn met hun kredietverlening, kunnen bedrijven minder investeren, wat weer gevolgen heeft voor bijvoorbeeld de werkgelegenheid.

De DNB-president is daarom verheugd dat het kabinet heeft besloten om de steunmaatregelen, zoals de loonsubsidie (NOW) en de Tozo-regeling voor zelfstandigen, overeind te houden. Het te snel afbouwen hiervan zou onvermijdelijk zorgen voor meer faillissementen.

"Het is logisch dat bij een dergelijke crisis de overheid een groot deel van de schok voor haar rekening neemt", aldus Knot. Te snel stoppen met het steunpakket zou volgens hem een slechte keuze zijn geweest. "De kosten voor te vroeg stoppen zijn hoger dan er te lang mee doorgaan."