Een op de vijf bedrijven die vanwege de coronacrisis financiële steun van de overheid hebben ontvangen, zag de omzet in het tweede kwartaal stijgen, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) vrijdag. Volgens het statistiekbureau betekent dit overigens niet dat deze ondernemingen onterecht steun hebben ontvangen.

Vanwege de uitbraak van de COVID-19-pandemie heeft het kabinet een aantal regelingen in het leven geroepen om bedrijven overeind te houden. Het ging onder meer om de loonsubsidieregeling NOW en de tegemoetkoming in de vaste kosten TOGS. Ook konden bedrijven vragen of ze hun belastingen later mochten betalen.

Ruim 20 procent van de bedrijven die van een of meerdere regelingen hebben gebruikgemaakt, zag de omzet tussen begin april en eind juni met minimaal 5 procent stijgen. Dit betekent niet automatisch dat deze ondernemingen onterecht van de regelingen hebben gebruikgemaakt.

Zo wordt er geen eis aan de omzet gesteld als een bedrijf om uitstel van de betaling van belastingen vraagt. Ook kan het zijn dat bedrijven in het tweede kwartaal een omzetverlies verwachtten, maar achteraf juist een stijging in de boeken konden zetten. Als bedrijven wél onterecht steun hebben ontvangen, moeten die het geld terugbetalen.

Uit de cijfers blijkt ook dat bedrijven in de Randstad en Limburg het meest van de steunmaatregelen hebben gebruikgemaakt. Limburg is de enige provincie waarin de helft van de bedrijven coronasteun heeft aangevraagd. Daarna volgen Noord-Holland, Zuid-Holland en Zeeland.

Relatief de minste aanvragen kwamen uit Friesland

In Friesland is het aandeel aanvragers relatief het kleinst. Daar deed 38 procent van de bedrijven een beroep op een van de steunmaatregelen van de overheid. De meeste steun ging naar horecabedrijven, kapperszaken, schoonheidssalons en bedrijven in de cultuursector.

Bij het bepalen van de cijfers heeft het CBS de eenmanszaken buiten beschouwing gelaten. Daarom zijn de aanvragers van Tozo, de regeling voor kleine zelfstandigen, niet in de cijfers opgenomen.

Drie op tien werknemers krijgen loon van overheid

Bij de bedrijven die in het tweede kwartaal een beroep op de NOW-regeling deden, werken in totaal 2,6 miljoen mensen. Dat komt neer op bijna een derde van alle 8,5 miljoen werkenden in Nederland. Zo'n 30 procent van de werkenden krijgt het loon dus deels van de overheid. De horeca is met een aandeel van 85 procent een uitschieter.

Hoewel de NOW-regeling is bedoeld om banen te behouden, zijn er toch 181.000 arbeidsplaatsen verdwenen bij bedrijven die van de regeling gebruikmaakten. Het baanverlies was met 12,2 procent het grootst in de bedrijfstak verhuur en overige zakelijke dienstverlening, gevolgd door de bedrijfstak horeca en cultuur.