De derde dinsdag van september zag er dit jaar vanwege de coronacrisis een beetje anders uit en dat geldt ook voor de maatregelen die in de miljoenennota stonden. Wat er is besloten en wat dat voor jouw financiën betekent, lees je hier.

Niet alle in dit artikel genoemde veranderingen zijn definitief; over een deel van de voorstellen moet nog gestemd worden.

Inkomen

  • Gemiddeld genomen gaan we er komend jaar iets op vooruit. De verwachting is dat de mediane koopkracht in 2021 op 0,9 procent uitkomt. Een deel van de huishoudens gaat er dus ook op achteruit. Hier lees je wat er gebeurt met de koopkracht voor verschillende huishoudens.
  • Het kabinet trekt geld uit voor lastenverlaging. Het belastingtarief in de inkomstenbelasting daalt met 0,25 procentpunt naar 37,10 procent. Daardoor betaalt vrijwel iedereen iets minder belasting.
  • De algemene heffingskorting, een korting op de inkomstenbelasting en premies volksverzekeringen, gaat volgend jaar met 82 euro omhoog om lage inkomens te steunen.
  • Vanaf volgend jaar kun je meer spaargeld op je bankrekening zetten zonder daar belasting over te hoeven betalen. Het heffingsvrije vermogen in box 3 stijgt naar 50.000 euro per persoon. Nu is dat iets meer dan 30.000 euro.
  • Daarnaast worden de schijfgrenzen aangepast. Daardoor loopt de eerste schijf vanaf het heffingsvrije vermogen tot 100.000 euro en de tweede schijf tot een vermogen van 1 miljoen euro. Door deze maatregelen zullen ongeveer een miljoen mensen minder belasting betalen over box 3. Het belastingtarief gaat trouwens wel iets omhoog. Dat tarief stijgt van 30 procent naar 31 procent.

Werk

  • Het CPB denkt dat de werkloosheid in 2021 oploopt tot 5,9 procent van de beroepsbevolking. Dit betekent dat er dan mogelijk 546.000 Nederlanders zonder baan zitten. Op dit moment zoeken ruim 400.000 mensen een baan.
  • De arbeidskorting, een korting voor werkenden op de belasting en premies volksverzekeringen, wordt met maximaal 324 euro verhoogd. Mensen met een modaal inkomen profiteren daar het meest van.
  • De zelfstandigenaftrek, een vrijstelling voor ondernemers voor de inkomstenbelasting, wordt met stapjes van 110 euro extra per jaar afgebouwd, boven op de verlaging van 250 euro per jaar die al was afgesproken. Op dit moment is de zelfstandigenaftrek 7.030 euro en komend jaar 6.670 euro.
  • Om werken in de zorg aantrekkelijker te maken, trekt het kabinet volgend jaar 20 miljoen euro uit. Daarmee moet de werkdruk verlaagd worden en moet het zorgpersoneel minder last krijgen van administratieve rompslomp. De lonen van zorgmedewerkers worden niet verhoogd, maar zij krijgen volgend jaar wel een extra eenmalige 'coronabonus' van 500 euro. Daar is in totaal 2,16 miljard euro voor gereserveerd.

Kinderen

  • Het kindgebonden budget gaat vanaf het derde kind binnen één gezin met 617 euro per kind omhoog. Op die manier worden gezinnen met veel kinderen gesteund. Het kabinet trekt daar 150 miljoen euro voor uit.

Ouderen

  • De mediane koopkrachtontwikkeling van gepensioneerden is komend jaar naar verwachting 0,5 procent.
  • De AOW-uitkering valt in 2021 voor alle gepensioneerden hoger uit. Dat komt door de hogere algemene heffingskorting die voor iedereen geldt (onder het kopje Inkomen).
  • Mensen met een aanvullend pensioen moeten afwachten of dat in 2021 geïndexeerd wordt, maar als compensatie wordt de ouderenkorting met 55 euro verhoogd. Dit betekent dat ze minder belasting hoeven te betalen.

Zorg

  • De basisverzekering wordt in 2021 duurder. Naar verwachting stijgt de maandpremie met zo'n 5 euro. De exacte stijging is nog onbekend, omdat de zorgverzekeraars de premies nog moeten vaststellen. Deze moeten rond half november zijn bekendgemaakt.
  • Het eigen risico blijft even hoog en bedraagt dus ook volgend jaar 385 euro.
  • Het basispakket wordt tijdelijk uitgebreid met de herstelzorg die soms na een besmetting met het coronavirus nodig is. De uitbreiding is per 18 juli 2020 van kracht en blijft minimaal een jaar gelden. Ook zijn er enkele uitbreidingen die losstaan van COVID-19.
  • De zorgtoeslag stijgt naar maximaal 1.294 euro per jaar voor een eenpersoonshuishouden. Dat is 44 euro meer dan nu. Voor een meerpersoonshuishouden stijgt het maximale jaarbedrag met 99 euro naar 2.496 euro.

Wonen

  • De belasting op aardgas gaat met 3 eurocent per kubieke meter omhoog. Lang niet alle huishoudens zullen die effecten merken in de portemonnee, omdat iedereen komend jaar 31 euro energiebelasting terugkrijgt. Daarom zullen vooral mensen met een slecht geïsoleerd huis last hebben van deze maatregel.
  • De overdrachtsbelasting wordt geschrapt voor mensen tussen de 18 en 35 jaar die een huis kopen waar ze zelf in gaan wonen. Mensen die een huis kopen zonder die zelf te bewonen - zoals beleggers en ouders die een huis voor een studerend kind kopen - gaan komend jaar niet 2 procent maar 8 procent overdrachtsbelasting betalen. Het kabinet hoopt dat starters het hierdoor makkelijker krijgen op de woningmarkt. 35-plussers betalen vanaf volgend jaar 2 procent overdrachtsbelasting voor een eigen woning.
  • Zo'n 260.000 'dure scheefwoners' (huurders van een sociale huurwoning die in verhouding te weinig verdienen om hun huur te kunnen betalen) krijgen een eenmalige huurverlaging. Hun huur wordt verlaagd tot de eerste aftoppingsgrens. Dit betekent dat ze gemiddeld 40 euro per maand per huishouden besparen.
  • Zoals eerder aangekondigd, daalt het hoogste tarief voor de hypotheekrenteaftrek in 2021 met 3 procentpunt naar 43 procent. Dat tarief blijft dalen. In 2022 is het tarief 40 procent en een jaar later 37,05 procent.

Bedrijven

  • Er ligt een wetsvoorstel voor de invoering van een CO2-heffing voor de industrie per 1 januari. Zo moet de uitstoot van CO2 duurder worden dan het terugdringen ervan. Het doel is om onder de streep in 2030 14,3 megaton minder CO2 uit te stoten dan in 2019.
  • De belastingheffing voor multinationals moet "eerlijker" worden, zo staat in de nota. Zo worden de regels voor de vennootschapsbelasting (vpb) aangescherpt. Onder meer de vermindering van de winstbelasting met verliezen in het buitenland wordt beperkt. Door deze aanpassing zijn bedrijven jaarlijks 700 miljoen euro meer kwijt aan belastingen.
  • Ook de renteaftrek voor de vpb wordt ingeperkt. Maar eerst moet worden onderzocht wat er mogelijk is. Daarnaast gaat alleen het lage vpb-tarief omlaag en blijft het hoge tarief intact, terwijl het plan eerst was om beide te verlagen.
  • Het midden- en kleinbedrijf (mkb) krijgt een lastenverlichting. Deze bedrijven hoeven vanaf 2021 minder winstbelasting te betalen, doordat de eerste schijf van de vennootschapsbelasting in twee stappen wordt verhoogd van 200.000 naar 400.000 euro. Het tarief wordt verlaagd van 16,5 naar 15 procent.
  • Investeringen door bedrijven worden gestimuleerd met de Baangerelateerde Investeringskorting (BIK), die per 2021 ingaat. Een percentage van de investeringen mag van de loonheffing afgetrokken worden.

Reizen

  • Vliegen wordt naar verwachting per 2021 duurder. Dat komt door de vliegbelasting die dan wordt ingevoerd. Hoeveel precies wordt geheven, is nog niet bekend.
  • De autobelastingen worden aangepast aan de scherpere milieueisen. Zo worden de voorwaarden van de aanschafbelasting bpm - die aan de CO2-uitstoot van de auto is gekoppeld - aangescherpt.

Studeren

  • Het kabinet trekt in de begroting voor 2021 extra geld voor het onderwijs uit. Een deel van dat geld is bedoeld voor studenten die in hun laatste studiejaar door de coronacrisis vertraging hebben opgelopen. Het bedrag dat studenten kunnen terugkrijgen, verschilt per situatie.
  • Om het voor mensen makkelijker te maken om zich te laten omscholen, betalen werkgevers voortaan geen loonheffing meer voor scholingskosten die na de beëindiging van het dienstverband zijn gemaakt.