Zoals elk jaar worden op Prinsjesdag plaatjes over de koopkracht geschetst. Daarbij is het uitgangspunt dat de persoonlijke situatie van mensen niet verandert, wat natuurlijk vaak wel het geval is. En dat geldt in deze coronacrisis nog meer dan anders.

"Dat maakt dat we in deze periode met nog meer nuance zullen moeten kijken naar de koopkrachtplaatjes", waarschuwt minister Wouter Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid dan ook.

De nuance even daargelaten, blijkt het plaatje voor dit jaar mee te vallen. Maar de vooruitzichten voor komend jaar zijn een stuk somberder geworden.

Voor dit jaar gaat het kabinet ervan uit dat huishoudens er in doorsnee 2,2 procent op vooruitgaan. "Dat is positiever dan vorig jaar met Prinsjesdag werd voorspeld", aldus Koolmees. De meevaller zit hem vooral in lagere zorg- en pensioenpremies. Het plaatje is verder positief beïnvloed door hogere lonen en lagere belastingen.

Meesten gaan er waarschijnlijk een klein beetje op vooruit

Voor komend jaar voorziet het kabinet dat we er gemiddeld genomen iets op vooruitgaan: 0,9 procent versus de 0,8 procent waar het Centraal Planbureau (CPB) mee rekent. Dat verschil zit in het bedrag aan zorgpremie waar het kabinet en het CPB van uitgaan; dat bedrag is bij het planbureau iets hoger. Sowieso is het plaatje veel minder rooskleuring dan voor de coronacrisis.

De lonen zullen minder stijgen dan aan het begin van dit jaar nog verwacht werd. Het kabinet gaat nu uit van een gemiddelde stijging van 'slechts' 1,2 procent, waar dat eerder 2,7 procent was. En omdat de inflatie 1,5 procent is, is zelfs sprake van 'negatieve reële loongroei'. "Dankzij verdere belastingverlagingen zullen de meeste mensen er waarschijnlijk wel een klein beetje op vooruitgaan."

Modellen gaan ervan uit dat mensen hun baan of uitkering behouden

Voor werkenden houdt het kabinet rekening met een plus van 1,2 procent en voor mensen met een uitkering en gepensioneerden een plus van 0,5 procent. "Een slag om de arm bij deze voorspellingen is echter gepast, vanwege de economische onzekerheid in de komende maanden", waarschuwt Koolmees andermaal. Want de modellen gaan ervan uit dat iedereen heel het jaar zijn of haar baan of uitkering behoudt.

Om werken aantrekkelijker te maken, heeft dit kabinet de belasting voor werkenden in de afgelopen jaren steeds verlaagd. Dat gebeurt ook komend jaar, onder andere door de verhoging van de arbeidskorting. Omdat ook de algemene heffingskorting wordt verhoogd en het belastingtarief in de eerste schijf iets omlaaggaat, zullen ook mensen met een uitkering en gepensioneerden minder belasting betalen. Ouderen kunnen een hogere ouderenkorting tegemoetzien.

Ouders met meer dan twee kinderen krijgen een fors hoger kindgebonden budget om kinderarmoede tegen te gaan. En woningcorporaties moeten een te hoge huur voor huurders met een laag inkomen verlagen.