Nederlandse importeurs van nieuwe personenauto's hebben de omzet in het tweede kwartaal van dit jaar met 40 procent zien afnemen, als gevolg van de uitbraak van COVID-19. Daardoor moesten autofabrieken sluiten en viel de vraag voor een groot deel weg. Dat meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) vrijdag.

De omzet van de hele auto- en motorbranche kwam in de maanden april, mei en juni een kwart lager uit vergeleken met een jaar eerder. "Dit is de grootste krimp in meer dan 25 jaar", aldus het CBS. Ook in het eerste kwartaal kreeg de omzet in de sector al een tik.

De grootste klap in het tweede kwartaal was voor de importeurs, maar ook de handelaren in auto-onderdelen leverden bijna 30 procent aan omzet in. In het eerste kwartaal hielden de handel en reparatie het nog droog, maar in het tweede kwartaal daalde de omzet ook hier, met ruim een vijfde.

De handel en reparatie van personenauto's was in het eerste kwartaal nog de enige deelbranche die een positieve ontwikkeling liet zien. Ook deze branche werd in het tweede kwartaal geraakt en zette ruim 21 procent minder om. Alleen de motorbranche hield de schade echt beperkt, met een min van 6 procent.