Vertegenwoordigers van de regeringen van de Verenigde Staten en China hebben voor het eerst sinds begin mei weer formeel overleg gehad over hun handelsconflict. Beide partijen zeggen dat de handelsafspraken die in januari werden gesloten, nog steeds overeind staan.

Het overleg zat de afgelopen maanden muurvast. Telefonisch overleg tussen de Amerikaanse handelsvertegenwoordiger Robert Lighthizer en de Chinese vicepremier Liu He stond aanvankelijk gepland voor 15 augustus, maar werd uitgesteld door de opgelopen spanningen.

Nu ze alsnog met elkaar hebben gesproken, hebben beide vertegenwoordigers hun betrokkenheid geuit bij het Fase 1-handelsakkoord. In dat akkoord heeft China zich verplicht om Amerikaanse producten, vooral grondstoffen, af te nemen, maar daar is in de praktijk nog weinig van terechtgekomen.

China moet volgens de deal in een jaar tijd voor 36,5 miljard dollar (ruim 30,9 miljard euro) aan landbouwgrondstoffen uit de VS kopen, maar in de eerste helft van het jaar is pas voor 7 miljard dollar besteld. Van de toegezegde afname van Amerikaans olie en gas ter waarde van 20 miljard dollar heeft China maar 5 procent gehaald.

Volgens het Fase 1-handelsakkoord schrapt de VS importheffingen op Chinese producten in ruil voor de afname van de grondstoffen.