De Nederlandse boeren hebben over het algemeen niet veel economische schade opgelopen door de coronacrisis, maar de ene boer is de andere niet. Uitschieters in positieve zin zijn de pluimveehouders. In negatieve zin springen de aardappeltelers die zich richten op frietaardappelen eruit.

De inkomens van de boeren waren in sommige deelsectoren even wat lager, maar die zullen nu weer aantrekken, zegt Roel Jongeneel, onderzoeker Wageningen Economic Research, in gesprek met NU.nl. "Het terugtrekken van de veevoermaatregel scheelt melkveehouders veel in de kosten en in de opbrengsten, omdat de melkproductie daardoor lager zou zijn."

De Wageningen Economic Research monitort op reguliere basis een aantal boerenbedrijven die representatief zijn voor de sector. Daarbij worden de inkomsten verrekend met de variabele kosten, zoals het veevoer. "De arbeidskosten van de boer rekenen we niet mee, want het is een eigen bedrijf."

De prijs van eieren blijft hoger dan gemiddeld

Gekeken naar de inkomsten van melkveehouders, pluimveehouders en akkerbouwers over de afgelopen maanden, springen vooral de pluimveehouders er in positieve zin uit.

"Die doen het nu beter dan voor de crisis", weet Jongeneel. "De eierprijzen zijn al een tijd bovengemiddeld hoog." En dat heeft alles te maken met de coronacrisis. "Waardoor mensen thuis meer aan het bakken zijn geslagen, waar veel eieren bij worden gebruikt. In het begin van de crisis werden eieren gehamsterd, dat heeft zelfs geleid tot lege schappen."

Bovendien zijn de eieren die consumenten thuis eten, zogenoemde tafeleieren, van premium kwaliteit en dus duurder.

Consumenten blijken thuis ook meer eieren te eten dan buiten de deur. Bij friet is juist het tegengestelde het geval en dat merkt het deel van de akkerbouwers dat frietaardappelen verbouwt. "Die hebben last van veel minder vraag vanuit de horeca en de foodservice (bedrijfsrestaurants, red.)." Frietaardappelen lenen zich er ook niet echt voor om gekookt te worden voor de thuismaaltijd.

Akkerbouwers die graan en meel verbouwen, profiteren juist weer wel van het feit dat we meer thuis eten en minder buiten de deur. "Door het thuisbakken is er veel vraag naar bloem bijvoorbeeld, ook daar hebben we al lege schappen gezien", vertelt Jongeneel. "Mensen en dieren blijven, coronacrisis of niet, toch eten, dus die vraag blijft wel."

Voor melkveehouders maakt de veevoermaatregel het verschil

De melkveehouders hebben tot dusver vooral te lijden gehad onder lagere prijzen, niet zozeer minder volume. "De vraag naar zuivel is wel op peil gebleven, maar die is verschoven van buiten de deur naar thuis. En anders dan bij eieren zijn de marges op de zuivelproducten buiten de deur juist hoger."

Melkveehouders kunnen de inkomsten op korte termijn alleen opkrikken door de kosten te verlagen. "Op arbeid kunnen ze niet besparen, want ze kunnen zichzelf niet ontslaan. Dat de veevoermaatregel nu van tafel is, maakt voor hen de komende tijd het verschil", besluit Jongeneel.