De regio Haarlemmermeer is economisch gezien het hardst getroffen door de coronacrisis. De economie kromp daar in het tweede kwartaal met 27 tot 29 procent, meldt het CBS woensdag. Volgens de dienst was de krimp daar zo groot doordat de gemeente sterk afhankelijk is van de luchtvaartsector.

Ook de omliggende regio's werden relatief hard getroffen. In Amsterdam en IJmond kromp de economie in het tweede kwartaal met tussen 12 tot 14 procent en in Haarlem met 10 tot 12 procent. Daar heeft de reisbemiddeling een groot effect op de krimp, maar ook de horeca en de zorg.

Die laatste twee sectoren zorgden er ook voor dat de economie in Zuid-Limburg en het midden van Noord-Brabant met tussen de 10 en 12 procent kromp. In Twente, de Achterhoek, Zuidwest-Overijssel en Midden-Limburg zorgde de industrie er juist voor dat de lichte economische groei in die regio's omsloeg in een relatief grote krimp van tussen de 8 en 10 procent.

In Almere en Delfzijl deed de economie het juist redelijk goed: daar kromp de economie met 6 procent. In Almere bleef de krimp beperkt doordat er veel goed presterende leasebedrijven zitten. Daarnaast zijn de bedrijfstakken die door de coronacrisis flink zijn getroffen minder vertegenwoordigd in deze regio's.