De Deense en Zweedse overheid mogen van de Europese Commissie samen ongeveer 1 miljard euro in SAS stoppen, meldt de Europese Commissie maandag. SAS, ook bekend onder de naam Scandinavian Airlines, is de gezamenlijke luchtvaartmaatschappij van Denemarken, Noorwegen en Zweden.

De maatregel was volgens de landen nodig om de luchtvaartmaatschappij door de coronacrisis te helpen, en Eurocommissaris Margrethe Vestager onderschrijft dat. "SAS is erg belangrijk voor de verbindingen tussen de landen en voor de economie. Zoals veel andere bedrijven die actief zijn in de luchtvaartsector, is SAS zwaar getroffen door de huidige crisis."

Denemarken draagt ongeveer 538 miljoen euro bij en Zweden iets minder (486 miljoen euro). Beide landen zijn grootaandeelhouder: Denemarken heeft 14,2 procent van de aandelen en Zweden 14,8 procent. Noorwegen verkocht in 2018 zijn 9,88 procent aan aandelen voor 652 miljoen Zweedse kronen, tegen de huidige wisselkoersen komt dat neer op 63 miljoen euro.

De Europese Commissie stelt, net zoals bij andere steunprogramma's voor luchtvaartmaatschappijen, wel voorwaarden aan de steun. Zo mogen de landen niet meer steun geven dan nodig om het bedrijf van de coronacrisis te redden en het bedrijf mag voorlopig geen dividend uitkeren.