Het aandeel van buitenlandse valuta's in het spaargeld in Turkije is opgelopen tot 49,4 procent, zo heeft de centrale bank van het land bekendgemaakt. Turkse spaarders reageren hiermee op de grillige koers van de Turkse lira de afgelopen week. De munt bereikte vrijdag een nieuw dieptepunt ten opzichte van zowel de dollar als de euro.

De lira maakte donderdag een duikvlucht en bereikte een dag later een nieuw dieptepunt. De Turkse munt heeft dit jaar ten opzichte van de dollar en de euro respectievelijk 20 procent en 30 procent van zijn waarde verloren.

Op sociale media werd vervolgens geroepen om het het ontslag van minister van Financiën Berat Albayrak, de schoonzoon van president Recep Tayyip Erdogan, waarop de president en enkele van zijn ministers hun steun voor Albayrak uitspraken.

Erdogan zei vrijdag dat Turkije er beter voor staat dan donderdag en dat economische schommelingen vanwege de coronacrisis overal ter wereld voorkomen. "Turkije is aan een economische opmars bezig, maar sommige mensen weigeren dat te zien", aldus de president. "De koersval van de lira is van tijdelijke aard."

Turkije kampt met begrotingstekort

Er zijn grote zorgen over de reserves van de centrale bank, die de afgelopen maanden tientallen miljarden dollars verkocht om de koers van de lira stabiel te houden. Die reserves zijn uitgeput.

Daarnaast kampt Turkije met een hardnekkige inflatie van bijna 12 procent, waardoor een renteverhoging voor de hand ligt. Erdogan is echter een groot tegenstander van hoge rente, met als gevolg dat de centrale bank de rente juist steeds verder verlaagde in het afgelopen jaar, tot onder het inflatiecijfer.

Door het opendraaien van de kredietkraan is bovendien een begrotingstekort ontstaan. Normaliter kan dat deels gefinancierd worden met de inkomsten uit het toerisme, maar die komen dit jaar goeddeels te vervallen.