De verkopen bij woonwinkels zijn in juni met 27 procent gestegen. De oorzaak daarvan is het feit dat consumenten veel meer tijd thuis doorbrengen, meldt belangenorganisatie voor non-foodwinkels INretail.

Ook in de maanden april en mei kon de sector profiteren van een flinke omzetgroei, van respectievelijk 3,6 en 16,5 procent. Over het gehele tweede kwartaal kwam de stijging daardoor uit op 16,3 procent.

Bert-Jan van der Stelt, woonspecialist bij INretail, verklaart de toename doordat mensen zowel hun werktijd als hun vrije tijd meer in huis doorbrachten vanwege het thuiswerken en de beperkingen op het gebied van onder andere vakanties en evenementen. Daarom wilden ze hun eigen huis zo comfortabel en gezellig mogelijk maken.

De cijfers komen uit de omzetmonitor die de belangenvereniging al een aantal jaren bijhoudt. Hiervoor worden de omzetwijzigingen bij 750 winkels (zowel mkb als grote ketens) bijgehouden.

Het betreft meubelzaken, slaapspecialisten, keukenverkopers, woonwarenhuizen en verkopers van woningtextiel zoals vloeren en gordijnen. Doe-het-zelfzaken en tuincentra zitten hier niet bij.

In maart kelderde de omzet van woonwinkels nog

De stijging in het tweede kwartaal kwam na de financieel dramatische maand maart, waarin de verkopen bij sommige woonwinkels zelfs halveerden door lege winkelstraten en meubelboulevards.

Weliswaar steeg de onlineomzet iets, maar dat was zeker niet genoeg om de dalende verkopen in de winkels te compenseren. De omzet kwam in maart uit op een min van gemiddeld 10,3 procent.

Van der Stelt is vanwege de extra aandacht die consumenten hebben voor de inrichting van hun eigen huis optimistisch over de rest van het jaar. "Mits de overheid niet gedwongen wordt nieuwe beperkende maatregelen in te voeren", voegt hij daaraan toe.