Bezorgers van folders mogen sinds deze maand geen reclamedrukwerk meer op de mat gooien bij inwoners van Den Haag die geen ja-sticker op de brievenbus hebben. De drukkers en verspreiders van reclamefolders zien met lede ogen aan hoe de verschillende gemeenten in Nederland een zogenoemd opt-insysteem invoeren. Eerder gebeurde dat al in Amsterdam, Utrecht, Haarlem en Tilburg.

Daarbij moet je een sticker op de brievenbus doen als je wél folders wil. De branche moet nog een jaar wachten tot de Hoge Raad zich uitspreekt of zo'n systeem überhaupt mag. Daar loopt een hoger beroep over de invoering van het systeem in Amsterdam, in 2018 de eerste gemeente die dat deed. Inmiddels is al een aantal rechtszaken gevoerd met de inzet of het invoeren van een ja-sticker voor reclamefolders binnen een bepaalde termijn redelijk is.

"Als gemeenten ons ertoe dwingen, dan stappen we naar de rechter", zegt Thomas Hopman van Spotta, het bedrijf dat reclamefolders in Nederland verspreidt. Spotta heeft 24.000 mensen in dienst, vooral jongeren, die wat bijverdienen met de bezorging van folders. De drukkerijen verdienen er geld aan en de retailers ook, stelt de branche.

Mensen plakken niet zo snel een sticker

Totdat de Hoge Raad zich uitspreekt over het principe van 'nee tenzij' probeert de branche te redden wat er te redden valt. Het recentste voorbeeld van een rechtszaak was tegen de gemeente Den Haag. De gemeenteraad had daar eind maart besloten om per 1 juli een opt-insysteem in te voeren. "En die termijn vinden wij te kort", zegt Hopman.

"De tijd tussen het moment waarop een folder besteld wordt en op de mat valt, kan wel anderhalve maand zijn. En een consument even een sticker op de brievenbus laten plakken klinkt als iets dat snel kan, maar het kost zo een half jaar voordat je mensen hebt kunnen laten weten en er daadwerkelijk toe hebt kunnen bewegen dat ze een sticker moeten plakken", stelt Hopman.

In Rotterdam werd de branche eerder in zo'n zaak in het gelijkgesteld. Daar besloot de rechter dat sowieso gewacht moet worden met de invoering tot de Hoge Raad heeft besloten of het systeem wel deugt.

Toen in 1992 de overbekende NEE/NEE- of NEE/JA-stickers werden ingevoerd, werd dat landelijk uitgerold en werd er maandenlang landelijk campagne voor gevoerd. "Het grote verschil is dat het nu per gemeente gaat." De drukkers en verspreiders willen zeker geen landelijke campagne voeren voor de ja-sticker omdat er geen gemeenten zijn die daar helemaal niet mee bezig zijn en omdat het nog wachten is op de uitspraak van de Hoge Raad.

Mogelijk nieuwe campagne voor de oude stickers

Volgens Milieu Centraal neemt de hoeveelheid folders de laatste jaren af, maar vallen er nog steeds enkele tientallen kilo's per jaar aan brochures op de mat. De onafhankelijke organisatie zegt geen tegenstander te zijn van reclamefolders, hoewel op de site wel tips staan om geen folders te ontvangen. "Mensen die graag folders lezen, moeten dat vooral blijven doen", zegt een woordvoerder.

"Het gaat ons meer om de huizen waar folders ongelezen bij het oud papier belanden." Want dan is het zonde van de grondstoffen, het transport daarvan en het transport van de folders. "Iedere ongewenste folder heeft onnodige milieu-impact." De organisatie pleit er dan ook voor dat mensen die folders zelden lezen of dat net zo graag online doen, een 'ouderwetse' NEE/JA-sticker of NEE/NEE-sticker plakken.

Daar lijken de milieuorganisatie en de branche elkaar in te vinden. "We doen op dit moment een experiment in de gemeente Ede om die stickers opnieuw onder de aandacht te brengen", zegt Hopman van Spotta. Als dat succesvol blijkt, wordt die campagne mogelijk weer landelijk uitgerold.