Het volgende kabinet moet niet meteen gaan bezuinigen om zo de klap van de coronacrisis op te vangen. Dat beveelt de Studiegroep Begrotingsruimte (SBR) vrijdag aan. De studiegroep brengt aan het eind van iedere kabinetsperiode een advies uit voor een volgend kabinet en bestaat uit experts van verschillende ministeries, het Centraal Planbureau (CPB), Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP), Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en De Nederlandsche Bank (DNB).

Mede doordat in de afgelopen jaren veel schuld is afgebouwd, kan de begroting de economische schok op dit moment opvangen, schrijft de SBR. Daarbij wordt aangetekend dat er veel onzekerheid is en dat het daarom onverstandig is om voor de langere termijn extra verplichtingen aan te gaan of belastingen te verlagen zonder dat hier extra inkomsten of lagere uitgaven tegenover staan.

De adviesgroep pleit ervoor om de "automatische stabilisatiefunctie van de begroting zijn werk te laten doen". Tijdelijke noodmaatregelen helpen om de economie te stabiliseren en op die regelingen wordt automatisch minder beroep gedaan zodra het beter gaat.

De adviseurs zijn ook huiverig voor extra geld naar de zorg. Hoewel volgens hen "alles gedaan moet worden om de zorg te ondersteunen bij de bestrijding van de gezondheidseffecten van het coronavirus", moeten op de lange termijn de zorguitgaven beheerst worden.

Met hun aanbevelingen sorteert de SBR al voor op de campagne voor de Tweede Kamerverkiezingen van 2021 en de daaropvolgende begroting. In het najaar komt de Studiegroep met een uitgebreid advies over welke begrotingssystematiek en welke begrotingsdoelstelling een volgend kabinet aan zou kunnen houden.