Met name sigaretten, motorbrandstoffen en kleding zijn vorige maand duurder geworden. Dat blijkt uit cijfers van het CBS. De gemiddelde prijsstijging van consumentengoederen en -diensten (inflatie) kwam vorige maand in Nederland uit op 1,6 procent.

De prijzen voor motorbrandstoffen zijn een belangrijke indicator voor de inflatie en stegen in juni ten opzichte van de maand ervoor. Wel lag het prijsniveau nog 7,9 procent lager dan in dezelfde maand vorig jaar. In mei was dat echter 14,1 procent lager.

De prijsstijging bij sigaretten en shag was stevig in juni, met een toename van 17,9 procent in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar. Oorzaak hiervan zijn de gestegen accijnzen.

Deze belastingverhoging ging weliswaar al in april in, maar retailers mogen na die datum nog wel tabak verkopen die al was ingekocht vóór de accijnsverhoging. Daardoor werkt de verhoging met vertraging door in het algehele prijspeil van rookwaren.

Een derde categorie die duurder werd, is kleding. Al ging het om een relatief bescheiden verhoging, van gemiddeld 0,8 procent ten opzichte van dezelfde maand vorig jaar. In de maand mei was kleding nog 0,5 procent goedkoper dan in mei 2019.

Prijzen in Nederland stijgen harder dan in EU

De algehele inflatie kwam in juni uit op 1,6 procent. Dat was een sterkere stijging dan in mei, toen het prijsniveau 1,2 procent hoger lag dan in dezelfde maand van vorig jaar.

In vergelijking met andere EU-landen stijgen de prijzen in Nederland harder. Dat blijkt als het CBS de Europese rekenmethode toepast. Daaruit komt in Nederland een gemiddelde prijsstijging naar voren van 1,7 procent in juni, terwijl de gemiddelde inflatie in de eurozone 0,3 procent was.

Ook bij het berekenen van de inflatie laat de coronacrisis zich voelen. Doordat voor sommige producten en diensten niet of nauwelijks transacties zijn geweest, bijvoorbeeld voor vliegreizen of het gebruik van sportscholen, heeft het CBS voor deze productgroepen een schatting moeten maken.

De artikelgroepen waarvoor prijzen geschat moesten worden, maken samen ongeveer 6 procent van de consumentenbestedingen uit.