Rechtszaak tegen Ahold-top begint in maart

AMSTERDAM - De strafzaak tegen de voormalige top van supermarktconcern Ahold komt in maart volgend jaar voor de rechter. De gevallen bestuursvoorzitter Cees van der Hoeven en zijn medebestuurders Michiel Meurs en Jan Andreae zullen zich wekenlang voor de rechtbank in Amsterdam moeten verantwoorden voor hun rol in de fraude bij Ahold. Datzelfde geldt voor de gewezen commissaris Roland Fahlin.

De inhoudelijke behandeling van de strafzaak vangt 6 maart aan. Zoals het er nu voorstaat, zullen de vier voormalige toplieden van het concern pas tweeëneenhalve maand later hun vonnis horen. De rechtbank zal op 22 mei een oordeel vellen, zo bleek maandag tijdens een regiezitting waarin de zaak werd voorbereid.

De strafzaak draait om een omvangrijke fraude bij Ahold, die begin 2003 aan het licht kwam. Het supermarktconcern had in de voorgaande jaren geheime afspraken gemaakt over de zeggenschap bij dochterbedrijven in het buitenland. Het concern deed voorkomen alsof het volledige controle over de ketens had, terwijl dit in de praktijk niet het geval was. Op die manier werd de omzet jarenlang te hoog voorgesteld. Ook werd er voor 880 miljoen euro geknoeid met inkoopkortingen bij een dochterbedrijf in de Verenigde Staten.

Tip de redactie