In de eerste drie maanden van dit jaar gaven Nederlandse consumenten 2,8 miljard euro uit aan vakanties. Dat is 15 procent of 500 miljoen euro minder dan in dezelfde periode een jaar eerder, meldt het centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) vrijdag.

De afname is volledig toe te schrijven aan de daling van het aantal vakanties in de maand maart. "In deze maand halveerden de vakantie-uitgaven tot 600 miljoen euro, tegen 1,2 miljard euro in maart 2019", aldus het CBS.

In januari en februari werd juist meer uitgegeven aan vakanties. Medio maart werd duidelijk dat het coronavirus was overgeslagen naar Europa. In maart gingen 1,7 miljoen Nederlanders minder op vakantie dan in maart vorig jaar, dat is meer dan een halvering. "De daling geldt voor zowel vakanties in het buitenland als in Nederland."

Over de eerste drie maanden van het jaar gingen 18 procent minder mensen op vakantie. Waar het in januari nu ruim 8,5 procent meer vakantiegangers waren en in februari 2,3 procent, werd die groei in maart weggevaagd. "Op 31 maart gingen nog 45 duizend Nederlanders op vakantie, ruim 90 procent minder dan op dezelfde dag in 2019."