De export van fruit was in maart en april respectievelijk 9 en 2 procent groter dan in dezelfde maanden een jaar eerder. De fruitteelt was daarmee de enige tak van de tuinbouwexport die een stijging noteerde, melden het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en onderzoeksinstituut Wageningen Economic Research donderdag.

De groei van de fruitexport was overigens wel flink kleiner dan in de eerste twee maanden van dit jaar, toen de uitvoer respectievelijk 19 en 17 procent boven het niveau van 2019 lag. De tuinbouwsector als geheel voerde 11 procent minder uit in april, zocht het CBS uit op verzoek van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit.

Vooral de export van snijbloemen had met een daling van 35 procent onder de coronacrisis te lijden. De uitvoer van planten, bloembollen en boomkwekerijproducten, ook wel de overige sierteelt genoemd, daalde met 18 procent.

Volgens het CBS was de tuinbouwketen in 2018 goed voor 2,7 procent van het bruto binnenlands product (bbp). De bijdrage van de sector aan de Nederlandse economie was dat jaar 21,1 miljard euro.