De waarde van de export van Nederlandse producten naar China is in de eerste vier maanden van dit jaar met 500 miljoen euro toegenomen ten opzichte van dezelfde periode in 2019. Dit komt neer op een totaal van 3,5 miljard euro. Daarmee staat Nederland wat betreft de uitvoer naar China op de tweede plek van alle EU-landen, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) donderdag.

Van de 27 EU-lidstaten staat Duitsland overduidelijk op de eerste plek. Het land exporteerde in de eerste maanden van 2020 bijna zes keer zoveel naar China als Nederland.

Opvallend is dat de totale export vanuit Europa naar het Aziatische land in de eerste vier maanden van 2020 met 6 procent is afgenomen tot ruim 60 miljard euro. Die krimp werd vooral veroorzaakt door een afname van de export van Duitsland, Frankrijk en Italië. Met name Duitsland en Frankrijk exporteren relatief veel naar China.

Nederland exporteert vooral machines naar China. In 2019 besloeg deze productgroep ruim een derde van het totaal. Daarna volgen voeding, dranken en chemische producten.

De totale waarde van de Nederlandse export daalde in de eerste vier maanden van dit jaar wel, wat volgens het CBS naast de coronacrisis vooral te wijten is aan de fors lagere olie- en gasprijs. Die lagere prijzen spelen bij de Nederlandse export naar China nauwelijks een rol, waardoor deze uitvoer wel flink kon toenemen.