Grote bedrijven die bij de Nederlandse overheid aankloppen voor financiële steun, krijgen dat alleen als ze geen gebruikmaken van regelingen waardoor ze minder belasting betalen.

Het kabinet heeft vrijdag ingestemd met een voorstel daarover van staatssecretaris Vijlbrief van Financiën.

Het gaat nadrukkelijk om individuele steun die bedrijven vragen, bijvoorbeeld een garantstelling voor een lening en niet voor collectieve regelingen zoals de tegemoetkoming in de loonkosten. In alle gevallen gaat het om bedrijven die van belang zijn voor Nederland, uit het oogpunt van werkgelegenheid bijvoorbeeld.

"Grote bedrijven die bij de overheid aankloppen in deze coronacrisis willen we ondersteunen als ze belangrijk zijn voor de Nederlandse samenleving. Maar het past niet om in slechte tijden te vragen om belastinggeld en tegelijkertijd belasting te ontwijken", aldus de staatssecretaris. Daarom worden nu aanvullende voorwaarden gesteld.

Een woordvoerder van Financiën kan niet zeggen of het om grote aantallen bedrijven gaat die dit raakt. "Maar we nemen de maatregel niet voor niks." De ondernemingen mogen geen vestiging in een land hebben met een winstbelastingtarief van onder de 9 procent, of in landen die op de zwarte lijst staan. "Op dit moment zijn dit in totaal 24 landen."

Ook mag het bedrijf geen betalingen doen aan landen met een te laag tarief of die op de lijst staan, het gaat dan om rente en royalty's. Ondernemingen die een aanvraag tot steun hebben gedaan maar hun zaakjes nog niet op orde hebben, krijgen inden nodig een jaar de tijd om aan de voorwaarden te voldoen. "Omdat het in deze coronacrisis nodig kan zijn om snel te handelen als een bedrijf in moeilijkheden zit."