De verzekeraars zien bij monde van het Verbond van Verzekeraars een weeffout in de afspraken zoals die vrijdag naar buiten zijn gebracht over de invulling van het vorig jaar gesloten pensioenakkoord. Dat laat de organisatie zaterdag weten.

Volgens het Verbond is onvoldoende rekening gehouden met pensioenregelingen die verzekeraars, premie-pensioeninstellingen en ondernemingspensioenfondsen bieden. "Dat gaat om circa vijftigduizend ondernemingen die dat hebben voor zo'n 1,3 miljoen werknemers", aldus een woordvoerder.

"We zijn wel blij dat nu eindelijk een invulling is gegeven aan de afspraken van vorig jaar", zegt de woordvoerder. Maar zoals het nu is afgesproken, worden bedrijven opgezadeld met het aanhouden van twee regelingen, de oude en de nieuwe. "Dat is complex en duur."

"Bovendien leidt het tot ongelijkheid wanneer nieuwe werknemers te maken krijgen met de nieuwe regels en werknemers binnen hetzelfde bedrijf en van dezelfde leeftijd met de oude regeling." Het Verbond ziet als goed alternatief dat de pensioenregeling binnen deze groep bedrijven in eerste instantie, ook voor nieuwe werknemers, zo wordt gehouden als die is.

In een klap overgaan op nieuwe regeling

"Dan kan de onderneming op een later moment besluiten over te gaan op de nieuwe regeling, die dan in een klap geldt voor al het personeel", legt de woordvoerder uit. Daarbij zou dan gekeken moeten worden naar een moment waarop de leeftijdsmix van het personeelsbestand daarvoor het meest gunstig is.

Volgens het Verbond is de pensioenregeling zoals verzekeraars die nu bieden "eerlijk". "De premie wordt hoger naarmate iemand ouder is, jongere werknemers leggen minder in, hun geld kan immers langer renderen." Wanneer deze bedrijven meteen zouden overgaan op de nieuwe regels, waarbij de premie-opbouw voor iedereen gelijk is, is dat oneerlijk naar de oudere werknemers toe, die al veel meer hebben ingelegd.

"Het slaat een gat voor werknemers in de leeftijdsgroep van 40 tot 55 jaar." De meeste werknemers in Nederland zijn aangesloten bij een zogeheten bedrijfstakpensioenfonds zoals het ABP en Zorg en Welzijn.