Bijna de helft van de cafés en restaurants bleef maandag gesloten, ondanks de versoepeling van de coronamaatregelen. Dat concludeert ING vrijdag na een analyse van de pinbetalingen op Tweede Pinksterdag.

ING heeft als grootste consumentenbank van Nederland de beschikking over veel pingegevens, en kan uit die gegevens opmaken of horecavestigingen open zijn of niet. De maximale capaciteit werd maandag lang niet gehaald, waaruit het economisch bureau van de bank opmaakt dat veel deuren alsnog gesloten bleven.

"Uit onze analyse blijkt dat ruim de helft van cafés en restaurants die voor de lockdown in business waren afgelopen pinkstermaandag open was", aldus ING Consument-econoom Marten van Garderen. "Eind maart was nog ongeveer een kwart open. Dit zal vooral voor afhaal- en bezorgdiensten zijn geweest."

Ondanks het grote aantal gesloten zaken lag de pinomzet op pinkstermaandag wel ruim 10 procent hoger dan het gemiddelde van vlak voor de lockdown. Er werd door de aanwezige gasten dus wel veel uitgegeven. Overigens zijn hogere uitgaven voor deze feestdag gebruikelijk: in 2019 lag de pinomzet nog 5 tot 10 procent hoger.

Nog steeds dicht vanwege beperkte capaciteit

Volgens Van Garderen speelt bij het besluit om dicht te blijven mee dat sommige zaken überhaupt nooit open zijn op maandag. Ook de locatie kan een rol spelen. "Voor een zaak die zich op de zakelijke markt richt, heeft het mogelijk nog geen zin om in de huidige omstandigheden al open te gaan."

Daarbij komt dat het niet voor elke zaak loont om met beperkte capaciteit open te gaan. Daar waarschuwde de brancheorganisatie eerder ook al voor. Voor zowel grotere zaken, die fors minder mensen kunnen ontvangen, als bijvoorbeeld een klein café dat door de anderhalvemeterregel maar enkele stoelen kan neerzetten, is dit een probleem.

Volg de laatste ontwikkelingen rond het virus in ons liveblog.