Het kabinet breidt de economische steun voor flexwerkers die hun baan zijn kwijtgeraakt, maar niet in aanmerking komen voor de bijstand of een WW-uitkering uit. De inkomensdrempel wordt met 100 euro verlaagd naar 400 euro, waardoor meer mensen zich kunnen melden voor de coronasteun. Aan de andere kant wordt de hoogte van uitkering echter verlaagd, blijkt woensdag uit een Kamerbrief van minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken).

De Tijdelijke Overbruggingsregeling voor Flexibele Arbeid (TOFA) werd door Koolmees in het leven geroepen om flexwerkers die door de coronacrisis hun baan verloren en niet op een sociaal vangnet terug konden vallen op te vangen.

De minister was zelf eerder kritisch over de regeling, vanwege "risico's van willekeur en oneigenlijk gebruik". De Tweede Kamer achtte invoering echter wenselijk, waardoor ze toch wordt ingevoerd met een aantal aanpassingen.

Flexwerkers komen in aanmerking voor de uitkering als ze in februari minimaal 400 euro bruto verdienden, maar hun inkomen in april met minimaal de helft zagen teruglopen. Eerst lag de inkomensdrempel op 500 euro bruto, maar die is verlaagd zodat een grotere groep werkenden, onder wie ook studenten, toegang krijgt tot de regeling.

De uitkering wordt verlaagd van 600 naar 550 euro per maand, voor drie maanden. De tegemoetkoming ligt lager omdat meer mensen recht zullen hebben op de uitkering door de verlaging van de inkomensdrempel. "En het zorgt ervoor dat er niet een te grote groep ontstaat die een hogere tegemoetkoming krijgt dan men voorheen zelf verdiende", aldus Koolmees.

Het is nog onduidelijk wanneer mensen bij het UWV een aanvraag kunnen doen voor de TOFA-regeling. De uitkeringsinstantie is er nu nog niet klaar voor. Koolmees schrijft dat het UWV zijn pijlen richt op een opening van het loket op 22 juni, maar die datum staat nog niet vast.

Volg de laatste ontwikkelingen rond het virus in ons liveblog.