De coronacrisis heeft in mei geleid tot een verdere, forse daling van de Nederlandse productie naar een niveau dat overeenkomt met dat van het hoogtepunt van de financiële crisis in 2009. Dat meldt de Nederlandse Vereniging voor Inkoopmanagement (NEVI) dinsdag.

De zogenoemde NEVI inkoopmanagersindex, ofwel de NEVI PMI, is gedaald naar 40.5. In april was dit nog 41.3, waarmee toen de grootste daling sinds het begin van de meting in 2000 werd geregistreerd. Bij een PMI-score van 50 is de situatie onveranderd. Onder de 50 duidt de score op een negatieve trend in de economische groei en een afname van het vertrouwen.

"De verdere neergang werd veroorzaakt door een scherpe afname van inkoop en ingekochte voorraad", legt Albert Jan Swart, sectoreconoom industrie bij ABN AMRO, uit. "De productie, het aantal nieuwe orders en de werkgelegenheid daalden iets minder snel dan in april, maar de indicatoren wijzen nog altijd op een diepe recessie."

Het is volgens de sectoreconoom de vraag of er nog een verdere daling aan zit te komen. "Veel ondernemers geven aan tijdelijke banen te hebben geschrapt om kosten te besparen. Aangezien de orderportefeuilles verder zijn geslonken en het aantal nieuwe orders verder afneemt, is het de vraag of de industrie de bodem al bereikt heeft."