De Autoriteit Consument & Markt (ACM) ziet graag dat het aantal bezorgpunten voor pakjes wordt uitgebreid. Dat vergoot de keuze en dus de concurrentie, is beter voor het milieu en leidt tot minder ergernis bij consumenten. Die conclusie trekt de toezichthouder in een studie naar de pakketbezorging die vrijdag is gepubliceerd.

In de studie keek de ACM naar de zogenoemde last mile, het laatste stukje van het traject dat een pakje aflegt op weg naar de consument. "Het is voor pakketbezorgers het meest efficiënt als ze maar een keer naar een adres hoeven te rijden om een pakket af te leveren."

Dat bespaart kosten, maar is ook beter voor het milieu en zorgt voor minder verkeer. Volgens de ACM komen in toenemende mate klachten binnen over overlast van bezorgbusjes. Ook zijn er klachten van consumenten over pakketjes die in de tuin worden gelegd of in de kliko, als mensen niet thuis zijn.

Servicepunten en pakketkluizen zouden goede alternatieven zijn voor bezorging aan huis. Maar uit het onderzoek van de ACM blijkt dat nog niet de helft van de huishoudens zo'n punt op loopafstand heeft zitten. "De ACM vindt uitbreiding van het aantal bezorgpunten wenselijk. Die uitbreiding biedt consumenten meer keuzevrijheid."

Soms werkt de gemeente niet mee

Vaak worden de punten maar door één vervoerder gebruikt, in plaats van door verschillende partijen. "Hierdoor kan het aantal huishoudens met een bezorgpunt op loopafstand stijgen tot 75 procent." Ten opzicht van andere landen kent Nederland ook weinig pakketkluizen.

"Investeringskosten kunnen een drempel vormen voor het plaatsen van meer pakketkluizen. Daarnaast wordt het plaatsen van pakketkluizen soms bemoeilijkt door verschillen in gemeentelijk beleid."