De meeste werknemers krijgen deze maand het vakantiegeld bijgeschreven op hun rekening. De helft van hen geeft dat voorlopig niet uit. Een kwart van de consumenten denkt het vakantiegeld te besteden aan vakantie.

"Het vakantiegeld wordt minder vaak uitgegeven dan andere jaren", zegt econoom Marten van Garderen van ING woensdag. "Mensen houden het liever achter de hand." Volgens hem moet het vakantiegeld worden gezien als een extra potje.

ING ondervroeg meer dan twintigduizend klanten over wat zij met het extraatje gaan doen. Een kwart van de mensen geeft aan het te besteden aan een vakantie, nog een kwart zegt het uit te geven aan andere dingen. Vorig jaar zei nog bijna 40 procent het vakantiegeld te gebruiken voor het betalen van een vakantie.

Vakantiegeld komt niet direct in de economie terecht

"Het is wel logisch dat mensen zeggen het geld niet uit te geven aan een vakantie, omdat je helemaal niet weet of je wel op vakantie kunt", stelt de econoom. "Maar de behoefte om op vakantie te gaan is er duidelijk wel."

Bijna een derde van de ondervraagden zegt het geld te gebruiken om het spaartegoed aan te vullen. Vorig jaar was dat nog geen kwart. Iets meer mensen dan vorig jaar, 16 procent versus 15 procent, zegt het te gebruiken om schulden af te lossen en 2 procent wil het beleggen. Dat laatste percentage is gelijk gebleven.

"Dit jaar geeft de helft van de mensen aan het niet uit te geven, vorig jaar was dat 40 procent", aldus Van Garderen. Het vakantiegeld komt dus in veel mindere mate direct in de economie terecht. "Als het economisch minder gaat, worden consumenten voorzichtiger in hun uitgaven. Ze zijn misschien bang hun baan te verliezen. Voorlopig is het onzekerheid troef en dat gaat gepaard met voorzichtigheid."