Het gebruik van gas in het totale Nederlandse energieverbruik is vorig jaar toegenomen, terwijl dat voorgaande jaren zo goed als gelijk was gebleven. Ondertussen neemt de gaswinning als gevolg van de productiebeperkingen na de aardbevingen in Groningen verder af.

Het gas dat in Nederland gebruikt wordt, komt daardoor in toenemende mate uit het buitenland. In 2018 lag volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) het omslagpunt. "En werd voor het eerst meer gas ingevoerd dan uitgevoerd."

In 2019 was aardgas goed voor 44 procent van het totale energieverbruik, een jaar eerder was dat nog 41 procent. Het totale energieverbruik was vorig jaar ongeveer gelijk aan dat in 2018. Na gas wordt in Nederland het meest van aardolie gebruikgemaakt om energie op te wekken. "Het aandeel in het totale verbruik nam licht af van 38 naar 36 procent."

Het gebruik van steenkool daalde fors, met 22 procent. "De grootste afname sinds 2000", aldus het CBS. Steenkool vertegenwoordigt nu nog 9 procent van het totaal. Bij elkaar opgeteld werd vorig jaar nog 90 procent van de Nederlandse energie opgewekt uit fossiele energiedragers, 10 procent was afkomstig uit hernieuwbare energie, kernenergie, afval en invoer van elektriciteit.

Hernieuwbare energie is energie afkomstig van natuurlijk bronnen die constant worden aangevuld, zoals wind, zon en biomassa.