Bijna een kwart van de mensen met een uitkering in 2018, had daarnaast betaald werk, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) donderdag. Het gaat om in totaal 24 procent, voor wie de uitkering die ze ontvingen dus als aanvulling op het loon gold.

Als alleen naar leeftijd wordt gekeken, was de arbeidsdeelname van uitkeringsontvangers onder de 25- tot 35-jarigen het grootst. Het ging om 30 procent.

Van alle mensen met een uitkering gaf 40 procent aan dat werken geen optie was vanwege ziekte. Onder mensen tussen de 55 en 65 jaar oud was dat percentage zelfs 51 procent. De arbeidsdeelname in deze leeftijdscategorie lag op 22 procent, wat laag is in vergelijking met andere leeftijdsgroepen.

11 procent zoekt betaald werk

In 2018 ontvingen anderhalf miljoen mensen een WW-, bijstands- of arbeidsongeschiktheidsuitkering. 11 procent van het totaal had hiernaast geen werk, maar was wel op zoek en beschikbaar voor een (gedeeltelijke) baan.

De meeste uitkeringsontvangers kregen in 2018 een arbeidsongeschiktheidsuitkering. Het ging hier om 726.000 mensen. Daarna volgde de bijstand, met 530.000 ontvangers. 271.000 mensen ontvingen een WW-uitkering.

Mensen met een bijstandsuitkering moeten verplicht solliciteren, hoewel een deel van hen niet kan werken door ziekte. 33 procent noemde dit in 2018 als reden om niet aan het werk te kunnen. 13 procent van het totale aantal mensen met een bijstandsuitkering had destijds daarnaast wel betaald werk.