Buitensportclubs, zoals voor tennis, atletiek, paardrijden of golf, halen het grootste deel van hun inkomsten uit contributies, les- en entreegeld. Maar bij voetbalverenigingen is het de kantine die het meeste geld in het laatje brengt. In 2018 ging het om bijna 40 procent van de totale inkomsten van de veldvoetbalclubs, zo onderzocht het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Voor een belangrijk deel valt dat te verklaren uit het feit dat voetbalclubs vaker de beschikking hebben over een clubhuis of een kantine dan andere verenigingen. "Gemiddeld had 41 procent van alle sportclubs een clubhuis", aldus het CBS. Bij voetbalclubs is dat liefst 94 procent.

In het onderzochte jaar haalden alle verschillende soorten sportclubs, exclusief watersport en professionals, bij elkaar ruim 1,2 miljard euro aan inkomsten binnen. Meer dan de helft daarvan kwam uit contributies, lesgeld en entreegeld. "Vooral voor buitensportclubs zijn de kantineverkopen ook een belangrijke inkomstenbron", stelt het CBS. Hengelsportverenigingen zijn daar de uitzondering op de regel.

De totale inkomsten van de sportclubs- en verenigingen zijn al sinds 2009 zo'n beetje stabiel. Maar in 2018 werd dat bedrag opgebracht door minder clubs en minder leden. "In 2018 telde Nederland 26.510 sportclubs met gemiddeld 192 leden; in 2009 waren dat 28.700 clubs met gemiddeld 196 leden." De bulk van de inkomsten (82 procent) werd gegenereerd door buitensportclubs- en verenigingen, bijna 1 miljard euro.