De Tweede Kamer bespreekt woensdag het controversiële CETA-handelsverdrag tussen Canada en de Europese Unie (EU). Het akkoord is al goedgekeurd door het kabinet en het Europees Parlement, maar de Tweede en Eerste Kamer moeten zich nog buigen over de kwestie. Zo kan Nederland straks de eerste lidstaat zijn die tegen CETA stemt en daarmee mogelijk een stokje steken voor invoering ervan. Wat houdt het CETA-akkoord ook alweer in en waarom is er zoveel commotie over?

Wat is CETA?

Het CETA-akkoord (Comprehensive Economic and Trade Agreement) is een vrijhandelsverdrag dat in 2017 is afgesloten door de EU en Canada. Het verdrag bevat bijna zestienhonderd pagina's en heeft het vergemakkelijken van de handel tussen Europa en Canada als voornaamste doel. Om dit te bereiken werd een groot aantal bestaande handelsbarrières opgeheven.

CETA betreft een gemengd handelsakkoord: het kan pas in werking treden na goedkeuring door de parlementen van alle lidstaten. Omdat dit erg lang kan duren - zo buigt het Nederlandse parlement zich bijna drie jaar na invoering pas over de kwestie - is een groot deel van CETA sinds 21 september 2017 al in werking.

Waarom is er zoveel over te doen?

CETA wordt gezien als de kleinere versie van TTIP, het mislukte en minstens zo omstreden handelsverdrag tussen de VS en de EU. Vrijhandelsverdragen zoals TTIP en CETA leiden tot discussie omdat ze van grote invloed zijn op tal van sectoren en velden. Zo bevat het vrijhandelsakkoord tussen de EU en Canada afspraken over samenwerking en afschaffing van tarieven, maar ook over databescherming en juridische kwesties. Dit maakt het tot een allesomvattend akkoord dat veel verschillende individuen, bedrijven en overheden raakt.

De Canadese premier Justin Trudeau en voormalig president van de Europese Raad Donald Tusk ondertekenen het handelsverdrag. (Foto: Reuters)

Welke politieke partijen zijn voor en welke tegen?

Minister voor Buitenlandse Handel Sigrid Kaag (D66) geldt als de voornaamste pleitbezorger van het vrijhandelsverdrag. Kaag 'erfde' het CETA-akkoord van haar voorganger, PvdA-minister Lilianne Ploumen, die namens Rutte II in 2016 akkoord ging met het verdrag. De D66-minister heeft het moeilijk met de kwestie en lijkt niet op genoeg politieke steun te kunnen rekenen.

Hoewel coalitiepartners VVD, CDA en D66 voorstander zijn van het CETA-akkoord, lijkt regeringsgenoot ChristenUnie zich niet achter het verdrag te willen scharen. Ook de PvdA - eerder nog voorstander van het controversiële handelsverdrag - heeft de steun ingetrokken. De goedkeuring van beide partijen is noodzakelijk om de regering aan een meerderheid te helpen. De rest van de oppositiepartijen lijken sowieso geen voorstander van CETA te zijn. De kans is dus groot dat het CETA-akkoord niet door het Nederlandse parlement komt.

Inmiddels zijn parlementen van dertien lidstaten akkoord gegaan. Naast Nederland moeten nog dertien andere landen groen licht geven. Wanneer een van de lidstaten niet tekent, gaat het omstreden handelsverdrag hoogstwaarschijnlijk niet door.

Wat vinden de voorstanders van CETA?

Voorstanders van het CETA-akkoord zijn met name te spreken over de economische mogelijkheden die het vrijhandelsverdrag biedt. Zo zou het voor meer werkgelegenheid en economische groei kunnen zorgen en verbetert het de mobiliteit tussen de EU en Canada. Het vrijhandelsverdrag moet er daarnaast toe leiden dat bedrijven en particulieren eenvoudiger kunnen investeren in elkaars landen.

Ook worden de nauwe banden tussen Canada en de EU als belangrijk argument voor het verdrag genoemd. Door de veranderende relatie met de VS kijkt Europa daarom vaker naar Canada voor samenwerking en partnerschap.

Wat vinden de tegenstanders van CETA?

Tegenstanders van CETA wijzen vooral op de macht die het grote bedrijven geeft. Zo biedt het bedrijven de mogelijkheid om via de rechter overheidsbeslissingen terug te draaien die hun investeringen ondermijnen. Ook biedt het Europese bedrijven de mogelijkheid om diensten aan te bieden op Canada's van oudsher gesloten publieke sector. Sommige Canadezen vrezen bijvoorbeeld dat Europese waterbedrijven hierdoor de macht overnemen over hun openbare watersysteem.

Daarnaast waarschuwen tegenstanders voor het gevaar van sommige producten die door verdere vrijhandel makkelijker in Europa geïmporteerd worden. In Canadees vlees zitten bijvoorbeeld veel groeihormonen.