Nederland heeft er in 2019 ruim 70.000 nieuwbouwwoningen bijgekregen, 6 procent meer dan in het jaar ervoor. Dat meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) woensdag. Het is het hoogste aantal gebouwde nieuwbouwwoningen in tien jaar tijd. Deze trend wordt waarschijnlijk niet voortgezet; naar alle waarschijnlijkheid worden er volgend jaar minder nieuwbouwwoningen opgeleverd door de gevolgen van de stikstofproblematiek.

Door de toename van het aantal nieuwe woningen is de totale Nederlandse woningvoorraad op 1 januari 2020 met 0,9 procent toegenomen naar bijna 7,9 miljoen woningen in vergelijking met een jaar eerder.

De woningvoorraad groeide door nieuwbouw relatief het hardst in Flevoland, namelijk met 1,6 procent. Ook in Noord-Brabant, Utrecht, Noord-Holland, Gelderland en Overijssel lag de groei boven het landelijk gemiddelde. Qua absolute aantallen werden de meeste nieuwbouwwoningen in Noord- en Zuid-Holland gebouwd: in beide provincies kwamen er dertienduizend woningen bij.

Naar verwachting zullen er in 2020 minder nieuwbouwwoningen bij komen, omdat er door de stikstofproblematiek sinds mei 2019 minder bouwvergunningen zijn verleend. Er zit gemiddeld een half jaar tussen het verlenen van een bouwvergunning en de eerste schep die de grond ingaat, dus naar verwachting zullen hierdoor in de tweede helft van 2020 minder nieuwbouwwoningen opgeleverd worden.

Eerder voorspelde het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB) dat het aantal gebouwde nieuwbouwwoningen in 2020 zou terugvallen naar 60.000 stuks, ver onder de door het kabinet beloofde 75.000 nieuwbouwwoningen. De stikstofproblematiek zal de bouwsector ook in 2021 dwarszitten. Dan verwacht het economische instituut dat er met 55.000 stuks nog minder nieuwbouwwoningen gebouwd worden.