Postorderbedrijven en webwinkels die kredieten aanbieden, hebben nog altijd klanten met te grote betalingsachterstanden. Die achterstanden moeten snel en structureel worden weggewerkt, schrijft minister Wopke Hoekstra van Financiën maandag in een Kamerbrief over kredietaanbieders.

Van die aanbieders vallen zogenoemde verzendhuizen in negatieve zin op, omdat die weinig verbetering laten zien. Vooral mensen met schuldenproblematiek zouden risico lopen om zo verder in de financiële problemen te komen. "Naar schatting heeft een op de vijf mensen met problematische schulden een verzendhuiskrediet", aldus Hoekstra.

Eerder liet de Autoriteit Financiële Markten (AFM) door het Bureau Krediet Registratie (BKR) onderzoek doen naar betalingsachterstanden. Hieruit bleek dat in 2017 34 procent van de klanten met een lopend krediet bij postorderbedrijven een betalingsachterstand had. Begin 2019 was het percentage afgenomen naar 26 procent, wat de minister nog altijd een te groot aandeel vindt.

"Zorgen over de hoge percentages betalingsachterstanden blijven dus bestaan. Tegelijk besef ik ook dat de kredietaanbieders maatregelen hebben getroffen, waarvan het effect mogelijk nog niet goed zichtbaar is", aldus Hoekstra. Als er binnen een jaar geen structurele verlaging optreedt, overweegt hij verdere maatregelen.

Uit de brief blijkt verder dat de waarschuwing "Let op! Geld lenen kost geld" geen directe invloed heeft op leenbeslissingen. De kreet blijft wel bestaan, omdat mensen daarmee het signaal krijgen dat ze een lening aangaan.

Wat mogelijk wel kan werken om consumenten te stimuleren verstandig te kiezen, is onder meer het aanpassen van de formulieren waarmee kredieten worden aangevraagd. Zo zouden mensen sneller kiezen voor een hoger aflosbedrag als ze zelf actief een optie moeten kiezen.