Varkenshouders in het zuiden van het land krijgen als ze overgaan op sanering veel meer geld per varken dan bedrijven in het oosten. De subsidieregeling voor het uitkopen van varkensboeren, 'warme sanering' genoemd, is in het leven geroepen om de stankoverlast en stikstofuitstoot van de sector te verminderen. Het ministerie van Landbouw maakte de tarieven van de subsidieregeling donderdag bekend.

Iemand die in het zuiden van het land tot sanering overgaat, ontvangt 151 euro per varken. In het oosten van het land ligt de vergoeding per varken een stuk lager: op 52 euro. De vergoeding per varken is berekend door Wageningen University & Research.

De reden voor het grote verschil in prijs per varken is een verschil in vraag en aanbod: in het oosten kan een varkenshouder nog volop varkensrechten kopen, in het zuiden zijn ze juist nog amper te krijgen. Het is voor boeren niet mogelijk om varkensrechten uit de andere regio te kopen.

Het kabinet wil varkenshouderijen uitkopen, om zo de stankoverlast op korte termijn te verminderen. Ook behoort het sluiten van bedrijven tot de kabinetsmaatregelen om de stikstofuitstoot te verminderen. Het kabinet maakte hiervoor 60 miljoen euro extra beschikbaar. In totaal heeft het kabinet 180 miljoen euro gereserveerd voor de sanering van varkenshouderijen.

Of de prijzen hoog genoeg zijn om boeren over te halen hun bedrijf te sluiten, moet de komende maanden blijken. Maandag begint de aanvraagperiode voor de subsidieregeling; op 15 januari sluit deze weer.