De visvoorraad in de Noordzee is groter dan verwacht. Vooral tong en schol, die belangrijk zijn voor de Nederlandse vissers, doen het goed, blijkt vrijdag uit een onderzoek van de Internationale Raad voor Onderzoek der Zee (ICES). De vangstadviezen zijn daarom vrijdag naar boven bijgesteld, waardoor vissers volgend jaar weer meer vis mogen vangen.

Het vangstadvies voor de soorten Noorse kreeftjes, schelvis en kabeljauw is aangepast. Dit is vooral goed nieuws voor vissers uit Noorwegen en Zweden.

Dankzij de positieve bevindingen zijn de eerdere vangstadviezen uit juni bijgesteld. Voor tong geldt niet langer een verlaging van 1,9 procent, maar juist een stijging van 40 procent. Bij schol verandert een verlaging van 7,6 procent juist in een verhoging van 17 procent.

De nieuwe vangstadviezen betekenen niet dat vissers ook direct meer zullen vangen. Door duurzamere doelen en gestegen brandstofkosten is de vissersvloot volgens belangenvereniging VisNed gekrompen.

Minder vis gevangen dan toegestaan

"Afgelopen jaren vingen we daardoor niet meer dan 60 tot 70 procent van de hoeveelheid schol die we móchten vangen", zegt directeur Pim Visser van VisNed.

Op dit moment zijn er 125 Nederlandse schepen die naar tong en schol vissen, waarvan er vanaf 1 januari nog 22 gebruikmaken van de omstreden pulsvistechniek. De bedrijven mogen daar tot 1 juli 2021 nog mee doorgaan. Vanaf dat moment moeten deze vissers ook terug naar traditionele vangtechnieken, zoals het twinrigtuig of de boomkor.

Uit het ICES-onderzoek blijkt ook dat de toestand van de paling kritiek blijft. De palingintrek in de Noordzee is gekelderd tot ongeveer 1,5 procent van wat het rond 1970 was.