DEN HAAG - Ruim een op de tien werkloze jongeren zoekt al langer dan een half jaar naar een baan of heeft de moed opgegeven. Die "hardnekkige kern" van werklozen tot 23 jaar die staan ingeschreven bij het Centrum voor Werk en Inkomen (CWI), zit in een lastige positie. De jongeren hebben bijvoorbeeld problemen met hun gezondheid of weten simpelweg niet wat voor werk ze willen.

Dat blijkt uit een woensdag gepubliceerd onderzoek van de Taskforce Jeugdwerkloosheid . De ministeries van Sociale Zaken en van Onderwijs hebben die werkgroep twee jaar geleden opgericht om voor het einde van deze kabinetsperiode in 2007 40.000 (leer-)banen te realiseren voor jongeren. Deze zomer stonden naar schatting 44.000 werklozen tot 23 jaar geregistreerd bij het CWI.

Tweederde van de jongeren die zich melden bij het voormalige Arbeidsbureau, weten binnen enkele maanden aan de slag te komen of gaan naar school. Veel van de jongeren die er langer over doen, wonen nog thuis en krijgen steun van de ouders. Zij halen ook vaak inkomsten uit bijbaantjes. Maar ruim 10 procent van de werklozen redt het zichtbaar niet zonder hulp en heeft een uitkering. Die groep vraagt volgens de werkgroep om intensieve begeleiding.

Knelpunten

Staatssecretaris Van Hoof van Sociale Zaken stelde bij de presentatie van zijn begroting op prinsjesdag dat de Taskforce Jeugdwerkloosheid succesvol is en al bijna de helft van de doelstelling (circa 19.000 banen) heeft gerealiseerd. Toch ervaart de werkgroep zelf nog knelpunten. Zo is de opkomst van jongeren bij speciaal voor hen georganiseerde activiteiten "nogal eens aan de magere kant".

Daarom heeft de werkgroep onder in totaal 1200 jongeren in de gemeenten Amsterdam en Eindhoven en de regio Emmen onderzoek gedaan naar de motieven om wel of niet op zoek te gaan naar werk. "Er zijn ook jongeren die ondanks hun situatie erg kieskeurig zijn, die niet naar bemiddelingsactiviteiten komen, die niet ingaan op ondersteuning van het CWI en op wie een dreigende korting op de uitkering geen indruk maakt".

De werkgroep wijst erop dat veel van deze werkzoekenden geen uitkering hebben. De sanctiedreiging speelt bij ongeveer een kwart van de uitkeringsgerechtigden mee bij de beslissing om naar bijvoorbeeld een banenmarkt te gaan.