Tussen het management en sommige werknemers bij de Amsterdamse afvalverwerker AEB lijkt sprake te zijn van een machtsstrijd, meldt Het Financieele Dagblad vrijdag. Er is naar verluidt sprake van anarchie op de werkvloer en soms zelfs sabotage en brandstichting door werknemers. Een woordvoerder van AEB zegt hier geen concrete voorbeelden van te hebben gezien.

De zakenkrant sprak met verschillende betrokkenen op anonieme basis. Die beschrijven hoe het AEB werkprocessen probeerde te professionaliseren en standaardiseren, maar dat "een harde kern van rotte appels" hier niet op zat te wachten.

Vervolgens zouden de auto's van het management zijn bekrast en banden lek zijn gestoken. Ook zou er sprake zijn geweest van het negeren van nachtelijke storingsmeldingen en zelfs van sabotage van de ovens.

Uiteindelijk zouden de problemen ertoe hebben geleid dat het bestuur op 5 juli vier van de zes verbrandingslijnen uitschakelde. AEB zei toen dat het noodzakelijk was om de verbrandingslijnen uit bedrijf te nemen om de veiligheid van de medewerkers te waarborgen.

'Primaire probleem is veiligheid'

In een reactie haalt een woordvoerder van AEB vrijdag uit naar het FD. "Als je serieuze journalistiek wil bedrijven dan moet je verder gaan dan je baseren op een aantal anonieme bronnen." Gevraagd of de gebeurtenissen die het FD beschrijft, daadwerkelijk zijn voorgevallen, zegt de voorlichter daar geen concrete voorbeelden van te hebben.

Hij vertelt wel dat er een probleem is met de cultuur binnen het bedrijf, maar dat het primaire probleem draait om de veiligheid. "We staan niet voor niets onder verscherpt toezicht van de Omgevingsdienst. Dan kan het niet zo zijn dat wij de veiligheid van medewerkers gebruiken als dekmantel voor de organisatie."