Airbnb heeft niet meegewerkt aan de handhaving van de vakantieverhuurlimiet van dertig dagen die voor woningen geldt en is daarom sinds 22 juli geschorst als lid van de Network Council van de Amsterdam Economic Board, een belangrijk adviesorgaan voor economische thema's in de hoofdstad.

Dat blijkt dinsdag uit een brief aan de raad, die door de woordvoerder van wethouder van Economische Zaken Udo Kock is verspreid.

Het bedrijf zou te weinig doen om de "negatieve impact van het bedrijfsmodel" te beperken, schrijft Kock. Het bedrijf werd op 8 juli gevraagd mee te werken aan de handhaving van de verhuurperiode van dertig dagen, maar veranderde vervolgens niets. Op 22 juli werd Airbnb daarom geschorst.

Op 13 september wordt met de voorzitter van het adviesorgaan een definitief besluit genomen over het lidmaatschap van het bedrijf. Als dat eindigt, gebeurt dat per 1 oktober 2019. Ook als de omstandigheden veranderen, zet het college in op een eind aan het Board-lidmaatschap van Airbnb.

'Een van de veroorzakers van de problemen in de stad'

Afgelopen mei zette de SP vraagtekens bij de deelname van Airbnb aan de Amsterdam Economic Board omdat het bedrijf volgens de partij juist een van de veroorzakers is van de problemen waar de stad mee kampt. SP-raadslid Erik Flentge vroeg het stadsbestuur daarom of de toetreding van Airbnb kon worden teruggedraaid.

Onlangs bleek uit onderzoek dat meer dan 40 procent van de woningen vorig jaar langer werd verhuurd dan de toen toegestane periode van zestig dagen. Sinds 2019 is die maximale periode voor vakantieverhuur verder aangescherpt naar dertig dagen per jaar.