De lira is maandag met ruim 2 procent gedaald nadat centralebankpresident Murat Cetinkaya dit weekend werd ontslagen door de Turkse president Recep Tayyip Erdogan.

Investeerders zouden vrezen voor de onafhankelijkheid van de Turkse centrale bank voorafgaand aan een nieuwe rentebeslissing.

Erdogan benoemde zaterdag vicegouverneur Murat Uysal tot opvolger van Cetinkaya.

Maandagochtend werd voor 1 euro 6,45 Turkse lira betaald. Vrijdag, voor het ontslag, hoefde nog maar 6,31 lira neergelegd te worden voor 1 euro.

Alle beleidsmakers moeten achter standpunt staan

Na het ontslag vertelde Erdogan dat alle beleidsmakers binnen de regering en zijn partij achter het standpunt moeten staan dat een hogere rente voor hogere inflatie zorgt. Erdogan wil dat de centrale bank de rente laag houdt zodat de economische groei wordt aangejaagd.

In werkelijkheid hangt een lage rente van de centrale bank vaak samen met meer inflatie. Een lagere rente zorgt ervoor dat bedrijven en particulieren makkelijker geld kunnen lenen om uit te geven. Als er meer wordt uitgegeven kunnen verkopers mogelijke hun prijzen verhogen, is het idee.

Zo probeert de Europese Centrale Bank (ECB) al jaren met stimulerend beleid de economie in de eurozone aan te jagen om de inflatie naar de doelstelling van net onder 2 procent te krijgen.

De lira kwam vorig jaar in augustus in een storm terecht en verloor op sommige dagen met tientallen procenten. Op het dieptepunt moest 7,85 lira worden neergelegd voor 1 euro, maar sindsdien heeft de lira zich weer hersteld.