Vakantiegangers die deze zomer met de auto naar het buitenland gaan, kunnen gemakkelijk een paar tientjes op hun brandstofkosten besparen. Bijvoorbeeld door voor vertrek de tankstops goed te plannen. NU.nl zet de beste tips voor u op een rij.

1. Vertrek met een halfvolle tank

Benzine en diesel zijn door hoge accijnzen in Nederland een stuk duurder dan in de elf populairste EU-vakantielanden. Een liter benzine kost hier op dit moment gemiddeld 1,76 euro. Voor de zonaanbidders die de auto pakken naar Frankrijk, Italië of Spanje loont het om de tank niet tegen Nederlandse prijzen vol te gooien, maar precies genoeg te tanken om de eerste stop over de grens te bereiken.

In Duitsland is de benzineprijs gemiddeld 1,54 euro per liter en in België legt de autorijder gemiddeld 1,48 euro per liter neer. Voor de echte koopjesjagers zijn Luxemburg (1,22) en Oostenrijk (1,19) the places to fuel. Dat blijkt uit een overzicht van consumentencollectief UnitedConsumers, dat de brandstofprijzen van de elf populairste vakantielanden op een rij zette.

2. Plan uw stops

Door tankstops slim te plannen, kunnen vakantiegangers gemiddeld 20 euro besparen, becijferde UnitedConsumers. De directeur van het consumentencollectief, Paul van Selms, pakt het zo aan: "Ik moet 1.159 kilometer naar het Gardameer in Italië. Ik tank één keer in Duitsland en gooi m'n tank zéker vol in Oostenrijk, want daar is het spotgoedkoop. Italië is relatief duur (gemiddeld 1,63 euro voor een liter benzine), dus daar vermijd ik de pompstations. Eenmaal aangekomen rijd ik niet veel, dus dat lukt meestal wel."

Reizigers richting Frankrijk en Spanje doen er goed aan een eerste stop over de grens met België in te plannen. Een vervolgstop in Frankrijk (1,52) is voor de Spanjegangers onvermijdelijk, als u voor de terugweg maar onthoudt: in Spanje (1,30) is benzine een stuk betaalbaarder dan in Frankrijk.

3. Tank niet langs de snelweg

Tankstations die niet langs snelwegen liggen, zijn altijd goedkoper. Als de tijd het toelaat, is het aan te raden een afslag te nemen en voor het lokale benzinestation te kiezen. Maar let op: omrijden om goedkoper te tanken, loont niet altijd. Nederland kent een hoge pompdichtheid, maar in Portugal kun je zo een uur rijden zonder een tankstation tegen te komen.

De ANWB hanteert daarvoor de volgende vuistregel: bij een prijsverschil van 5 cent loont het omrijden tot 5 kilometer en bij 10 cent is dit 10 kilometer. Van Selms wil daar nog iets aan toevoegen. "Mensen zijn met tanken vaak extreem prijsbewust en doen veel moeite om goedkoop te tanken. Vervolgens krijgen de kinderen bij het afrekenen een ijsje. Weg is je winst."

4. Zoek de onbemande stations

Een inkoppertje: brandstofprijzen bij stations zonder pompbediende of kassamedewerker zijn over het algemeen lager. Dubbel feest als deze ook nog eens aan een plattelandsweg ligt. Van Selms: "Ik heb weleens een half uur in de rij gestaan voor de pomp in Luxemburg omdat iedereen bij dat specifieke station een dubbeltje voordeel per liter wil halen. Daar ben ik dus wel van genezen. Als ik een rij zie, ben ik weg."

Dus: wilt u een vakantiebestemming over de grens die wat betreft afstand en benzinekosten de voordeligste optie is? Ga dan naar Luxemburg. Maar dan heeft u geen zongarantie.