Het kabinet wil in 2020 een minimumprijs van 12,30 euro invoeren voor het uitstoten van CO2 bij het opwekken van elektriciteit. Wanneer de CO2-prijs in het huidige Europese systeem van uitstootrechten onder deze prijs uitkomt, wordt dit aangevuld met een nationale CO2-belasting. De minimumprijs loopt op tot 31,90 euro in 2030.

Staatssecretaris Menno Snel (Financiën) en minister Eric Wiebes (Economische Zaken) hebben dit wetsvoorstel dinsdag ingediend bij de Tweede Kamer.

Naar verwachting gaan 135 bedrijven onder het stelsel vallen. De minimumprijs gaat niet alleen gelden voor energiecentrales, maar ook voor de elektriciteitsproductie in de industrie. Dit betekent dat ook chemiebedrijven en producenten van voedingsmiddelen en papier onder het systeem zullen vallen.

Maar de vraag is of die bedrijven hier echt wat van gaan merken. Zo is de prijs voor het mogen uitstoten van 1 ton CO2 in het Europese emissierechtensysteem in de laatste jaren flink gestegen. Snel en Wiebes geven dan ook toe dat de CO2-prijs naar verwachting boven de minimumprijs blijft.

Eerder stelden GroenLinks en PvdA veel hogere CO2-belastingen voor. Zo liet GroenLinks varianten doorrekenen waarin de kosten oplopen tot 100 euro per ton CO2 in 2030. PvdA stelde een belasting van 45 euro per ton CO2 in 2021 voor die jaarlijks met 2 procent stijgt. In deze varianten zouden de doelen om in 2030 minder CO2 uit te stoten wel worden gehaald, berekende het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL).

In een eerdere versie van dit artikel stond vermeld dat GroenLinks en de PvdA plannen voor veel hogere CO2-belastingen hebben laten doorrekenen. Dit betreft een andere belasting dan die waar Snel en Wiebes een wetsvoorstel voor hebben ingediend. Deze passage is daarom uit het stuk geschrapt.