VOORBURG - Mensen met een langdurige aandoening, een ziekte of een handicap hebben steeds minder vaak een baan. Vorig jaar werkte ruim 42 procent van de arbeidsgehandicapten twaalf uur per week of meer. Een jaar eerder was dat nog bijna 44 procent en in 2002 was bijna 45 procent aan de slag. Dat blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

"Zowel van mannen als van vrouwen is de arbeidsdeelname afgenomen", meldde het CBS vrijdag. Vorig jaar telde het CBS bijna 1,8 miljoen arbeidsgehandicapten. Dat is 16 procent van de beroepsbevolking. Hun aandeel in de totale bevolking was even hoog als in 2003. Ruim de helft van de arbeidsgehandicapten wordt door rug- en nekklachten belemmerd in het uitvoeren of krijgen van werk.

De cijfers van het CBS zijn slecht nieuws voor het kabinet. In april herhaalde staatssecretaris Van Hoof van Sociale Zaken dat werkgevers meer mensen met een arbeidshandicap in dienst zouden moeten nemen.

Mensen met een aandoening blijken relatief vaak in de zorg te werken. "Van de arbeidsgehandicapten werkte 18 procent in de gezondheids- en welzijnszorg. Bij de totale werkzame beroepsbevolking lag dat percentage op 16 procent", stelt het CBS.