Zestien huizenhandelaren hebben de Autoriteit Consument en Markt (ACM) gedagvaard voor het niet nakomen van een schikkingsovereenkomst. Ze eisen 14 miljoen euro van de kartelwaakhond.

De toezichthouder ACM beschuldigde de huizenhandelaren in 2011 van kartelvorming. Ze zouden huizenbezitters die hun woning gedwongen moesten verkopen, hebben gedupeerd door de prijzen kunstmatig laag te houden.

Behalve dat ze boetes kregen van in totaal meer dan 6 miljoen euro, werden ook hun namen op de website van de ACM gepubliceerd. De hoogste rechter verklaarde de zaak in 2017 nietig.

Eind vorig jaar kreeg een groep van vijftig huizenhandelaren als excuus al 35.000 euro per persoon overgemaakt van de toezichthouder. Omdat de rest van de schikkingsovereenkomst - het vergoeden van de geleden vermogensschade - volgens de handelaren niet door de ACM blijkt te worden nageleefd, hebben zestien van hen de kartelwaakhond voor de rechter gedaagd.

"We zouden al in januari met de ACM om tafel om ervoor te zorgen dat de schikkingsovereenkomst zoals afgesproken voor 1 juli rond is. Maar tot nu toe hebben ze niet thuis gegeven. Vandaar deze stap naar de rechter," zegt hun advocaat Martijn van de Hel.

Het ACM is juist druk met de zaak bezig, zegt een woordvoerder. Er ligt een aantal soortgelijke schadevergoedingszaken bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb). "Om ervoor te zorgen dat de schadevergoedingen zorgvuldig worden vastgesteld, willen we de uitspraak in deze zaken van de hoogste rechter meenemen", aldus de woordvoerder.

Het kortgeding dient volgende week vrijdag.