De opbrengsten van waterschappen uit heffingen zijn de afgelopen vier jaar ruim 9 procent hoger uitgekomen, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) maandag. Voor dit jaar wordt een opbrengst van 2,9 miljard euro voorzien.

De tarieven van waterschapsheffingen lopen sterk uiteen. Dat heeft te maken met onder meer de hoeveelheid water waar zij over gaan, ligging aan de kust of grote rivieren en de bodemsoort. Nederland telt in totaal 21 waterschappen.

Voor woningeigenaren hangt de heffing samen met onder meer de WOZ-waarde. Huishoudens met een koopwoning van 300.000 euro betalen in het Noord-Brabantse waterschap De Dommel 252 euro per jaar. Een vergelijkbaar huishouden in hoogheemraadschap Noorderkwartier betaalt, inclusief wegenheffing van 75 euro, in totaal 475 euro.

Ook aan de waterschappen Scheldestromen (Zeeland), Delfland (Zuid-Holland) en Rivierenland (in het rivierengebied van Gelderland, Utrecht en Zuid-Holland) zijn de inwoners relatief veel kwijt. Huurders betalen minder dan huiseigenaren.

De waterschappen denken dat de investeringen die zij moeten doen de komende vier jaar 5,8 miljard euro zullen bedragen. Aan het begin van de vorige bestuursperiode was dat bijna 5 miljard euro. Het is nog niet bekend hoeveel daarvan ook echt is geïnvesteerd.

Bijna 4 miljard van het verwachte bedrag is bestemd voor waterkeringen, aquaducten, sluizen en gemalen. Nog eens 1,4 miljard gaat naar afvalwaterzuivering. Het Rijk en de gezamenlijke waterschappen dragen 1,5 miljard euro bij.