Meer dan een op de twintig werknemers in Nederland verdient het minimumloon, blijkt vrijdag uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Het statistiekbureau deed onderzoek ter gelegenheid van de vijftigste verjaardag van het minimumloon: het laagste bedrag dat een werkgever wettelijk verplicht is aan een werknemer uit te keren als loon.

Zaterdag is het exact vijf decennia geleden dat het wettelijk minimumloon van kracht werd. Aanvankelijk ging het om 611,70 gulden per maand. Volgens het CBS komt dat neer op afgerond 278 euro.

Sinds 1 januari dit jaar geldt voor mensen met voltijdwerk maandelijks een minimum van 1.615,80 euro bruto.

Aandeel minimumlonen deze eeuw stabiel

Het percentage werknemers dat het minimumloon verdient, is in de eerste decennia na de invoering voortdurend gedaald. In de jaren negentig steeg het enkele jaren, waarna het weer daalde.

Vanaf de millenniumwisseling is het aandeel vrijwel stabiel. Het meest recente cijfer komt uit 2017 en bedraagt iets meer dan 6 procent.

Het gaat vooral om banen in de verhuur en zakelijke diensten, waaronder die van uitzendkrachten. Ook in de horeca zitten relatief veel banen op het minimumloon.

Jongeren en ouderen vaker aan minimum

Daarnaast blijkt uit de analyse van het CBS dat het vaker jongere werknemers of juist 65-plussers zijn die het met een minimumloon moeten doen. Mensen zonder Nederlandse nationaliteit zijn doorgaans ook vaker de klos.

Vakbond CNV noemt het zorgelijk dat er steeds meer mensen die voor een minimumloon werken bijkomen. Want, zo zegt de vakbond: het aantal banen is de laatste jaren flink toegenomen, maar het percentage mensen met een minimumloon blijft rond de 6 hangen.

"Dit percentage zou omlaag moeten gaan naarmate het beter met de economie gaat en er meer banen komen. Maar het tegendeel gebeurt", aldus CNV-voorzitter Arend van Wijngaarden.

"Wij roepen bedrijven op om meer dan het minimumloon te betalen, zodat werknemers profiteren van de winst. De kosten voor levensonderhoud worden ook steeds hoger."