Het is niet bewezen dat het opkoopbeleid van de Europese Centrale Bank (ECB) doeltreffend is, stelt het Centraal Planbureau (CPB) dinsdag. De conclusie van verschillende empirische studies, die positieve effecten voor de productie en inflatie constateerden, wordt daarmee onderuitgehaald.

De CPB-studie neemt bestaande onderzoeken onder de loep en concludeert dat er "geen statistisch significant bewijs" is dat het opkoopbeleid de productie positief beïnvloedt. Ook is er slechts "zwak bewijs" voor een effect op de inflatie.

Zo is de methode die bij de oude onderzoeken is gebruikt niet in staat "schokken in het monetaire beleid te identificeren". "Wij concluderen daarom dat de effecten van het onconventionele beleid nog niet zijn aangetoond", aldus het CPB.

'Modellen geven zelfde uitkomsten bij willekeurige getallen'

Om de uitkomsten van eerder onderzoek te toetsen, gebruikten de onderzoekers fictieve en willekeurige informatie in dezelfde rekenmodellen. Hier kwamen ondanks de andere input vergelijkbare uitkomsten uit. "Daarmee blijken de gevonden resultaten niet betrouwbaar", aldus het CPB.

In 2018 kondigde de ECB aan het aankoopbeleid langzaam te gaan afbouwen. Het beleid ging in 2015 van start en hield in dat er op grote schaal staatsobligaties werden opgekocht met 'nieuw' geld. Het idee is dat banken zo meer ruimte krijgen om leningen en hypotheken te verstrekken. Hierdoor zou de inflatie stijgen en zouden de spaar- en hypotheekrentes omlaaggaan.

Geldkraan is volgens DNB een paardenmiddel

In de EU bestond niet altijd enthousiasme over de maatregelen. Niet aleen de Nederlandse regering, maar ook de Duitse regering was altijd al terughoudend over het 'openen van de geldkraan'.

President Klaas Knot van De Nederlandsche Bank noemde de maatregel eerder een "paardenmiddel".