Nederlanders dragen het liever niet, maar toch is ons land een van de drie grootste leveranciers van nertsenbont. Nog vier jaar, en dan verdwijnt de volledige sector in Nederland en moeten de pelsdierhouders op zoek naar ander werk. In Noord-Brabant maken ze zich steeds meer zorgen over lege megastallen en werkloze nertsexperts.

De politieke strijd hebben de pelsdierhouders verloren. Wim Verhagen, directeur van de Nederlandse Federatie van Edelpelsdierenhouders (NFE), is zwaar teleurgesteld over het fokverbod dat in 2024 van kracht gaat, en nog altijd geschokt over de - volgens hem - karige compensatieregeling van in totaal 36 miljoen euro die de overheid meegeeft aan de binnenkort werkloze fokkers.

Nederland is perfect voor het fokken van nertsen, zegt Verhagen. We hebben een gematigd klimaat waar nertsen van houden, en dankzij onze bloeiende pluimveeindustrie en infrastructuur zijn er altijd verse restkuikentjes voor de nertsen beschikbaar. Dus konden de Nederlandse nertsenfokkers een toppositie in de edelpelswereld bereiken, aldus Verhagen.

Nertsendorp Gemert-Bakel verliest miljoenenomzet

Vooral de Noord-Brabantse gemeente Gemert-Bakel zit in zijn maag met de naderende einddatum. Gemert-Bakel is een nertsendorp met 21 bedrijven die samen voor ruim vierhonderd arbeidsplaatsen en een omzet van 16 miljoen euro zorgen. Elke zomer, als de fokteven jongen krijgen, telt het gebied ruim een miljoen nertsen; 20 procent van het landelijke aantal nertsen.

De gemeente noemt het sluiten van al deze bedrijven "een forse, economische klap voor tal van ondernemers in de gemeente". "Bovendien leven en werken de ondernemers tot het verbod ingaat in grote onzekerheid. De toekomst van hun bedrijven is ongewis en de mogelijkheden tot omschakeling naar een andere tak van intensieve veehouderij zijn voor pelsdierhouders beperkt en kostbaar", schrijven zij in een brief naar de Tweede Kamer.

"Het gaat ons als gemeente niet om het geld", aldus een woordvoerder van de gemeente Gemert-Bakel. "Waar het ons om gaat, is een toekomstperspectief voor de bedrijvigheid in onze gemeente en dat er wordt nagedacht over de leegstand van de locaties in het toch al kwetsbare buitengebied."

Het ministerie zelf is tevreden met de subsidieregeling: er is 36 miljoen euro gereserveerd voor een tegemoetkoming in de kosten voor sloop- of ombouwkosten van pelsdierhouderijen. Bij sloopkosten wordt tot 50 procent vergoed, met een maximumbedrag 95.000 euro, en 120.000 euro als er ook asbest verwijderd moet worden.

'Je kunt niet ineens varkens gaan houden'

"Na de ingang van de wet hebben 213 pelsdierhouders zich gemeld voor de overgangsperiode. Gezien dit aantal, het maximaal mogelijke subsidiebedrag per locatie en het subsidiepercentage verwachten wij dat het beschikbare budget toereikend zal zijn", aldus een woordvoerder.

Er zijn in 2019 nog 152 bedrijven die nertsen houden. Die leveren jaarlijks 5,5 miljoen nertsenpelzen, achter Denemarken met bijna achttien miljoen pelzen en Polen met ruim 18,6 miljoen pelzen. Het bont van de Nederlandse markten gaat via bontveilingen in Canada, Denemarken en Finland de hele wereld over. Vooral China neemt steeds meer af, zegt Verhagen.

Dat de fokkers moeten stoppen is officieel al bekend sinds begin 2013, na een initiatiefvoorstel in de Tweede Kamer van SP en PvdA dat door de PVV, GroenLinks, D66 en de Partij voor de Dieren werd gesteund.

Tijd zat om een ander baantje te zoeken lijkt het, maar zo simpel ligt het niet, zegt Verhagen. "Om nertsen te fokken heb je specialistische kennis nodig die binnen agrarische families wordt overgedragen. Je kunt niet ineens een switch maken naar varkens of schapen als je je hele leven nertsen hebt gehouden."

Stallen komen leeg te staan en zullen verpauperen

De stallen waar nertsen in worden gehouden zullen leeg komen te staan, het kapitaal van de fokkers is door het verbod vernietigd, en dus zullen tientallen gigantische gebouwen leeg komen te staan en verpauperen. De locaties zijn onverkoopbaar, zegt Verhagen, en de kosten voor de sloop worden maar voor de helft gecompenseerd door de overheid.

"Bovendien was de investering in het bedrijf gelijk aan de oudedagsvoorziening voor de fokkers. Dat pensioen gaat nu in rook op."

De stallen, legt een woordvoerder van de gemeente Gemert- Bakel uit, zijn niet zomaar te gebruiken voor ander vee. "De pelsdierhouders hebben weinig tot geen mogelijkheden om een alternatieve invulling aan hun bedrijf te geven met andere dieren."

"Zij beschikken niet over fosfaat- of dierrechten die ze kunnen gebruiken om andere dieren in hun stallen te mogen houden. De uitstoot van ammoniak, fijnstof en geuremissie van een pelsdierenstal is laag of niet vastgesteld. De uitstoot van andere dieren is aanzienlijk hoger. Feitelijk kunnen ze op die locatie niets."

Fokverbod leidde tot enorme groei moederdieren

Tientallen lege megastallen in het gebied dus, en onzekere fokkers wier broodwinning wordt afgenomen. Die broodwinning was de afgelopen decennia fors. De bontindustrie levert namelijk goed geld op.

De indiening van het wetsvoorstel voor een nertsenfokverbod in 2006 zorgde voor 40 procent meer moederdieren, terwijl het aantal nertsenhouders met 11 procent afnam. De nertsenhouderijen begonnen veel meer dieren te houden en dus pelzen te leveren.

Wageningen University & Research beraamde dat de sector een jaarlijkse omzet van circa 360 miljoen euro en een export van circa 300 miljoen euro heeft.

De nertsenfokkers praten liever niet met de pers, zegt een pelsdierhouder. "Dat hebben we met elkaar afgesproken."