Unilever heeft met een mislukte poging de bedrijfsstructuur te versimpelen een van de onrustigste kwartalen in lange tijd achter de rug, maar in de resultaten was daar weinig van te merken.

Analisten maakten zich enige zorgen over de ontwikkeling van Unilever, dat de laatste tijd vooral bezig leek met het schrappen van zijn tweede hoofdkantoor in Londen ten faveure van de hoofdzetel in Rotterdam.

Dat plan werd na forse druk van beleggers echter ingeslikt. Zij vreesden vooral dat de beëindiging van de tweede beursnotering in Londen de waarde van hun aandelen onder druk zou zetten.

CFO Graeme Pitkethly zegt dat het bestuur niet met spijt terugkijkt op de afgelopen periode. "Het is belangrijk om de complexiteit van de plannen in ogenschouw te houden. We hadden de belangen van de aandeelhouders voor ogen, en hadden ook veel steun, maar achteraf moeten we bescheiden zijn." Hij noemde de reacties van investeerders "waardevol".

Unilever heeft last van wisselkoersen

Unilever behaalde in het derde kwartaal minder omzet dan een jaar eerder. Alle divisies van het bedrijf lieten groei zien, maar Unilever had wel last van negatieve wisselkoerseffecten.

De opbrengsten zakten met 4,8 procent tot 12,5 miljard euro. De onderliggende omzetgroei, waarbij onder meer wisselkoerseffecten worden genegeerd, was 3,8 procent. Dat kwam doordat er meer werd verkocht en tegen hogere prijzen.

Polman gelooft nog in verhuizing

Volgens Pitkethly hebben de kosten die zijn gemaakt ter voorbereiding op de bedrijfsversimpeling geen gevolgen voor de winst. Hij bevestigde wat topman Paul Polman al eerder zei: dat Unilever nog altijd gelooft in het plan dat voorlopig op ijs is gezet.

Sommige marktkenners speculeerden dat Polman door de onrust mogelijk eerder zou terugtreden dan aan het einde van zijn termijn, maar een mededeling daarover bleef donderdag uit.