De Turkse economie staat voor een spannende periode. De koers van de Turkse munt, de lira, daalt flink en de overheid lijkt niet bij machte een verdere daling tegen te houden. Tegelijkertijd wordt een conflict met de Verenigde Staten maar niet opgelost en ziet de Amerikaanse president Donald Trump zijn kans schoon om met behulp van economische sancties de Turken te bewegen de Amerikaanse predikant Andrew Brunson vrij te laten. 

Wat gebeurt er?

Sinds donderdag 9 augustus lijkt de koers van de Turkse munt in een vrije val te zitten, maar al sinds begin dit jaar daalt de munt langzaam maar zeker.

Op het moment van schrijven is de lira al met ruim 70 procent in waarde gedaald ten opzichte van begin dit jaar. De maatregelen die de Turkse overheid neemt, hebben nog maar weinig uitgehaald.

Waarom daalt de lira?

Al langer heeft de koers van de munt last van de stijgende consumentenprijzen in Turkije. Sinds begin vorig jaar ligt de inflatie al boven 10 procent op jaarbasis. En in juni en juli zijn de consumentenprijzen op jaarbasis met zo'n 15 procent gestegen.

Met dezelfde lira kan nu dus ruwweg 15 procent minder gekocht worden dan een jaar geleden. Voor grote investeerders is de keuze dan snel gemaakt: ze ruilen hun lira's in voor munten die waardevaster zijn. Overheidsmaatregelen bleven aanvankelijk uit en grote partijen raakten het vertrouwen in de Turkse overheid kwijt. Tegelijkertijd ontstaat er een vicieuze cirkel: als er geen zicht op verbetering is en de koers van een munt blijft dalen, dan zal iedereen de munt zo snel mogelijk willen omwisselen.

Trump deed nog een duit in het zakje. Precies op een van de kritiekste momenten voor de lira, maakte hij bekend de invoerheffingen op staal en aluminium te verdubbelen naar 50 procent en 20 procent.

Hoe is deze inflatie ontstaan?

De Turkse president, Recep Tayyip Erdogan, zei eerder dit jaar een vijand van hoge rentes te zijn en dit beleid is de laatste jaren ook in de praktijk gebracht. De centrale bank maakte het voor Turkse begrippen erg goedkoop om te lenen en heeft daar pas sinds kort een einde aan gemaakt met renteverhogingen.

Een renteverlaging is bedoeld om het lenen van geld goedkoper te maken. Bedrijven hebben dat ook op grote schaal gedaan. Dit stimuleert aan de ene kant de economie. Turkije was vorig jaar met een groeipercentage van 7,4 procent het land met de hoogste economische groei binnen de G20. Maar dezelfde groei leidt ook tot hogere prijzen en dus een hogere inflatie.

Hoe is dit op te lossen?

Tot voor kort zou een renteverhoging waarschijnlijk veel effect hebben gehad. Maar naar verluidt heeft Erdogan dit lang tegengehouden. Pas eind april startte de centrale bank met het verhogen van renteniveaus en sindsdien is de bank terughoudend geweest met forse stappen om de economie af te koelen. Door de flinke waardedaling van de afgelopen weken en de weerzin van Erdogan om meer maatregelen te nemen, zal een renteverhoging steeds minder effect hebben. Daardoor zijn zwaardere maatregelen nodig.

Zo wordt nu al gesproken over een interventie door het Internationaal Monetair Fonds (IMF). Maar in ruil voor steun, eist het fonds dat Turkije zware maatregelen neemt. De vraag is of Erdogan hiermee akkoord zal gaan.

Volgens Marijke Zewuster, hoofdeconoom opkomende landen bij ABN AMRO, zou de rente flink verhoogd moeten worden om de inflatie het hoofd te bieden. "En dan is het maar de vraag of dat voldoende is om de rust te doen terugkeren."

Positief punt is dat de Turkse staatsschuld relatief laag is. "Daarmee kunnen ze het nog wel even uitzingen", aldus Zewuster.

Wat merkt de rest van de wereld hiervan?

De vakantieganger in Turkije is voor even spekkoper. Vaak zijn de kosten voor het verblijf al eerder afgerekend, maar bijvoorbeeld een avond uit eten gaan of even boodschappen doen, is omgerekend in euro's, dollars of ponden goedkoper geworden.

De gevolgen voor de wereldeconomie blijven waarschijnlijk beperkt. Turkije is nog een relatief kleine exportbestemming voor Nederlandse producten. In 2017 werd voor 6 miljard euro aan goederen vanuit Nederland naar Turkije vervoerd en importeerden Nederlandse bedrijven voor 2,8 miljard euro aan goederen uit Turkije. Dit is respectievelijk 1,3 procent van alle Nederlandse uitvoer en 0,7 procent van de invoer.